Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- ‘opzettelijk handelen in strijd met in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod, in vereniging gepleegd’ (feit 1), in eendaadse samenloop gepleegd met;
- ‘een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voorbereiden of bevorderen door voorwerpen en stoffen voorhanden te hebben, waarvan hij weet dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit, in vereniging gepleegd’ (feit 2);
- ‘opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd en opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd’ (feit 3);
- ‘opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd’ (feit 4), en
- ‘handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie’ (feit 5),