ECLI:NL:GHSHE:2024:2539

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
7 juni 2024
Publicatiedatum
9 augustus 2024
Zaaknummer
20-002657-23
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-handhaving grieven door verdachte

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de politierechter te Roermond, waarbij verdachte was veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf voor poging diefstal met verbreking en diefstal.

De advocaat van verdachte gaf per e-mail aan geen grieven tegen het vonnis te handhaven en verzocht om niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep, tenzij verdachte zelf zou verschijnen of het hof anders zou beslissen. De advocaat-generaal stemde hiermee in.

Het hof oordeelde dat er geen belang is bij verdere behandeling van het hoger beroep en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 416, tweede lid, Sv.

Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige kamer van het hof op 7 juni 2024 in aanwezigheid van de griffier.

Uitkomst: Het hoger beroep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-handhaving van grieven.

Uitspraak

Parketnummer : 20-002657-23
Uitspraak : 7 juni 2024
VERSTEK (onip)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 13 september 2023 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 03-110652-23 en 03-110870-23, tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1980,
zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van een poging diefstal met verbreking (in de zaak met 03-110652-23) en ter zake van een diefstal (in de zaak met parketnummer 03-110870-23) veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee weken.
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
De raadsvrouw mr. [naam] heeft bij e-mail bericht van 23 mei 2024 te kennen gegeven dat de grieven tegen het vonnis niet zullen worden gehandhaafd en om die reden verzocht de verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in het hoger beroep, tenzij de verdachte zelf ter terechtzitting zou verschijnen of het hof anderszins zou menen te moeten beslissen.
De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep met die niet-ontvankelijkverklaring ingestemd.
Nu de raadsvrouw van de verdachte te kennen heeft gegeven dat de bezwaren tegen het vonnis in eerste aanleg niet worden gehandhaafd zal het hof, nu het belang van de verdachte noch enig ander rechtens te beschermen belang gediend is met een behandeling van het hoger beroep, toepassing geven aan het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering en zal het hof het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk verklaren.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk.
Aldus gewezen door:
mr. W.E.C.A. Valkenburg, voorzitter,
mr. S.C. van Duijn en mr. M.M. Koevoets, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S.H.M. van Gennip, griffier,
en op 7 juni 2024 ter openbare terechtzitting uitgesproken.