De betrokkene is sinds 2010 onder bewind gesteld vanwege zijn lichamelijke of geestelijke toestand. In eerste aanleg heeft de kantonrechter de betrokkene onder curatele gesteld en een curator benoemd. De betrokkene is tegen deze beslissing in hoger beroep gekomen en voert aan dat het bewind voldoende bescherming biedt en dat de curatele onterecht is.
De curator stelt dat de betrokkene al meer dan twintig jaar financieel en mentaal wordt misbruikt door een huisgenoot, die telefoons met abonnementen op naam van de betrokkene bestelt en uitgaven doet die niet ten goede komen aan de betrokkene. Ook zijn er meldingen van overlast en vernieling rondom de woning van de betrokkene.
Het hof overweegt dat de betrokkene wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand zijn belangen niet behoorlijk kan waarnemen en dat het beschermingsbewind onvoldoende bescherming biedt tegen het financieel misbruik. Curatele is daarom noodzakelijk omdat deze maatregel verder reikt dan bewind en rechtsgeldige rechtshandelingen van de betrokkene kan beperken. Het hof bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter en wijst het hoger beroep af.