ECLI:NL:GHSHE:2024:640
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie na echtscheiding afgewezen wegens onvoldoende behoefte vrouw
Partijen zijn gehuwd geweest en gescheiden bij beschikking van 6 februari 2023, ingeschreven op 3 maart 2023. De vrouw verzocht in eerste aanleg om partneralimentatie van €1.032 per maand vanaf 18 januari 2023, welke door de rechtbank werd toegewezen omdat de man niet was verschenen.
De man kwam in hoger beroep en voerde onder meer aan dat hij niet goed was opgeroepen en dat de rechtbank het verzoek niet juist had getoetst aan artikel 1:156 BW Pro. Tevens betwistte hij de behoefte van de vrouw en stelde dat hij geen bijdrage verschuldigd was.
Het hof stelde vast dat de ingangsdatum van de alimentatie conform de wet op 3 maart 2023 ligt, de dag van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking. Het hof beoordeelde de behoefte van de vrouw op circa €1.966 netto per maand, gebaseerd op 60% van het netto besteedbaar gezinsinkomen van €3.277.
De vrouw stelde behoefte te hebben vanwege haar langdurige werkloosheid en psychische klachten, maar het hof vond onvoldoende onderbouwing dat zij niet in staat was te werken. Het door haar overgelegde behandelplan toonde geen relevante arbeidsbeperkingen aan. De vrouw was niet verschenen bij de mondelinge behandeling, waardoor nadere vragen niet konden worden beantwoord.
Het hof concludeerde dat de vrouw niet behoeftig was en wees het verzoek tot partneralimentatie af. De kosten in hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot partneralimentatie af wegens onvoldoende behoefte van de vrouw.