ECLI:NL:GHSHE:2025:2328
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging taakstraf wegens opzettelijk handelen in strijd met Opiumwet en witwassen
In hoger beroep heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het vonnis van de politierechter bevestigd waarbij verdachte werd veroordeeld voor opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet en witwassen. De straf bestaat uit een taakstraf van 150 uren, subsidiair 75 dagen hechtenis, waarvan een deel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
De politierechter had tevens verbeurdverklaring van geldbedragen en onttrekking aan het verkeer van verdovende middelen bevolen. De verdediging voerde primair vrijspraak aan en subsidiair een strafverminderingsverweer, maar het hof vond geen aanleiding tot wijziging van het vonnis.
Het hof verbeterde en vulde de bewijsoverwegingen aan, met name over het moment waarop verdachte wegrent en de daaropvolgende doorzoeking van de auto, en bevestigde dat verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van verdovende middelen in de auto. Ook het verweer omtrent het gokstop-besluit leidde niet tot een ander oordeel.
De beslissing van het hof bevestigt het vonnis van de politierechter met de genoemde aanvullingen en verbeteringen, waarbij de opgelegde straf en maatregelen gehandhaafd blijven.
Uitkomst: Bevestiging taakstraf van 150 uren en voorwaardelijke hechtenis wegens opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet en witwassen.