Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
hij op of omstreeks 6 januari 2022 te Vlissingen, in elk geval in Nederland, openlijk, te weten, aan de [plaats] , in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten de heer [slachtoffer 1] , door die [slachtoffer 1] :
hij op of omstreeks 6 januari 2022 te Vlissingen, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan de heer [slachtoffer 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen (met kracht) met een lifehamer in/tegen het gezicht heeft geslagen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
Het proces-verbaal van aangifte d.d. 7 januari 2022 (p. 20-23), voor zover inhoudende als verklaring van aangever [slachtoffer 2] :
(het hof begrijpt: de verdachte).
het hof begrijpt: de verdachte) was constant aan het dreigen om naar mij toe te lopen. Deze keer kwam hij heel hard naar mij toe gerend. Ik zat nog steeds in de auto aan de bestuurderskant met mijn gordel aan en het raam was open. Ik zie dat hij zich omdraait en ik voelde dat hij de hamer tegen mijn rechteroogkas sloeg. Ik voelde direct een pijnsteek in mijn oogkas. Ik voelde dat de hamer mij daar raakte. Ik zag dat hij iets in zijn hand had wat glinsterde toen hij mij ging slaan. Dit ding had hij in zijn linkerhand. Hij maakte met zijn linkerarm een onderhandse zwaaiende beweging met het glinsterende ding in zijn hand het raam in tegen mijn hoofd. Vervolgens rende hij naar achter richting mijn vader.
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 januari 2022 (p. 36), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
Het proces-verbaal van bevindingen beelden [plaats] d.d. 22 januari 2022 (p. 47-48), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 2] :
(het hof begrijpt: januari)2022, omstreeks 20.02 uur komt een personenauto aanrijden, komende vanuit de richting van de [straat] . Hij rijdt naar de geparkeerd staande auto’s welke tegenover de Albert Heijn ingang staan geparkeerd. De auto stopt vervolgens naast de geparkeerd staande auto's. Op het moment dat de auto stil staat komt er vanaf de trottoirzijde een persoon naar de auto lopen. Deze lijkt contact te maken met de bestuurder van de auto
(het hof begrijpt: [slachtoffer 2] ). Tegelijkertijd stapt aan de passagierszijde een persoon uit het voertuig
(het hof begrijpt: de vader van [slachtoffer 2] )en deze loopt om de auto heen het trottoir op. Er lijkt nog een tweede persoon bij te komen bij de persoon die al aan de bestuurderszijde naast de auto staat. Als de passagier het trottoir op loopt gaan de personen die bij het bestuurdersportier stonden ook het trottoir weer op. Er staat dan even niemand naast het voertuig en de bestuurder zit nog steeds in het voertuig. De auto rijdt vervolgens nog een stukje naar voren, iets dichter richting het trottoir. Dan loopt er opeens een persoon vanaf het trottoir richting het bestuurdersportier. Deze maakt een zwaaiende beweging en lijkt uit te glijden en op de grond terecht te komen naast de auto. Deze staat weer op en lijkt bewegingen te maken richting de bestuurder in de auto. Daarna loopt deze persoon weer gehaast terug het trottoir op.
De verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep d.d. 25 november 2025, voor zover inhoudende:
Een schriftelijk bescheid, te weten een beschrijving van het letsel d.d. 6 januari 2022 (p. 24-25) van GGD Zeeland, voor zover inhoudende als de bevindingen van een forensisch geneeskundige:
- Pijnlijke zwelling rechter slaap
- Twee bloedende wondjes met een diameter van 6 millimeter, met daarboven en daaronder een kleinere rode impressie
poging tot zware mishandeling.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) maand.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
100 (honderd) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
50 (vijftig) dagen hechtenis.