ECLI:NL:GHSHE:2025:3529

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
9 december 2025
Publicatiedatum
9 december 2025
Zaaknummer
20-001641-23
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte in hoger beroep wegens openlijke geweldpleging te Vlissingen

Op 6 januari 2022 vond te Vlissingen een incident plaats waarbij meerdere betrokkenen geweldshandelingen tegen elkaar pleegden. Verdachte werd beschuldigd van openlijke geweldpleging tegen het slachtoffer door het vasthouden en slaan op diverse lichaamsdelen.

In eerste aanleg sprak de politierechter verdachte vrij. De officier van justitie ging hiertegen in hoger beroep en eiste een taakstraf van 80 uur, subsidiair 40 dagen hechtenis, deels voorwaardelijk.

Het hof heeft het dossier en de verklaringen van partijen zorgvuldig bestudeerd. De verklaringen over het incident zijn tegenstrijdig en objectief bewijs sluit geen enkel scenario uit. Hierdoor kon het hof niet met voldoende overtuiging vaststellen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft gepleegd.

Daarom bevestigt het hof de vrijspraak van de politierechter, met een verbeterde motivering van de overwegingen. Verdachte wordt vrijgesproken van openlijke geweldpleging wegens gebrek aan overtuigend bewijs.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van openlijke geweldpleging wegens onvoldoende overtuigend bewijs.

Uitspraak

Parketnummer : 20-001641-23
Uitspraak : 9 december 2025
TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, van 2 juni 2023, in de strafzaak met parketnummer 02-257327-22 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep heeft de politierechter de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde.
De officier van justitie heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de politierechter zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, de verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal veroordelen tot een taakstraf voor de duur van 80 uren subsidiair 40 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest, waarvan 40 uren subsidiair 20 dagen hechtenis voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.
De verdediging heeft primair integrale vrijspraak bepleit. Subsidiair heeft de verdediging een straftoemetingsverweer gevoerd.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis, met verbetering van de vrijspraakoverweging.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 6 januari 2022 te Vlissingen, in elk geval in Nederland, openlijk, te weten, aan de [plaats] , in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten de heer [slachtoffer] , door die [slachtoffer] :
- vast te pakken aan/bij het lichaam en/of
- te slaan tegen het gezicht en/of het hoofd en/of het lichaam.
De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Verbetering vrijspraakoverweging
Op grond van het onderzoek ter terechtzitting en de inhoud van het procesdossier staat genoegzaam vast dat op 6 januari 2022 te Vlissingen aan de [plaats] een incident heeft plaatsgevonden waarbij door betrokkenen over en weer geweldshandelingen zijn gepleegd. De verklaringen over de gebeurtenissen lopen echter sterk uiteen. Objectief bewijsmateriaal sluit de verschillende scenario’s die door de betrokkenen naar voren zijn gebracht over wat er zich op straat heeft afgespeeld niet uit. Alles overziende heeft het hof uit de inhoud van wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging gekregen dat de verdachte het hem tenlastegelegde heeft begaan, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. R.G.A. Beaujean, voorzitter,
mr. A.C. Bosch en mr. A.C. van Campen, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. L. Beskers, griffier,
en op 9 december 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.