ECLI:NL:GHSHE:2025:3608

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
17 december 2025
Publicatiedatum
16 december 2025
Zaaknummer
20-002220-21
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen vonnissen van de rechtbank Oost-Brabant inzake feitelijke aanranding van de eerbaarheid

In deze zaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch op 17 december 2025 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen de vonnissen van de rechtbank Oost-Brabant. De verdachte is beschuldigd van feitelijke aanranding van de eerbaarheid jegens twee slachtoffers, [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. De verdachte, werkzaam als masseur, heeft beide slachtoffers tijdens of na de massage tegen hun wil betast. Het hof heeft vastgesteld dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan deze feiten en heeft hem veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis. Tevens is de verdachte voor 5 jaar ontzet van het recht om het beroep van masseur uit te oefenen. De rechtbank had eerder de verdachte vrijgesproken van het primair tenlastegelegde, maar het hof heeft de vonnissen vernietigd en opnieuw recht gedaan. De verklaringen van de slachtoffers zijn als betrouwbaar beoordeeld, en de verdachte heeft geen overtuigende verklaring kunnen geven voor zijn handelen. De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] is afgewezen, omdat het hof geen geestelijk letsel heeft kunnen vaststellen. De uitspraak is gedaan in het kader van de waarborg voor een eerlijke rechtsgang, waarbij het hof ook heeft geconstateerd dat de redelijke termijn in de procedure is overschreden.

Uitspraak

Parketnummer : 20-002220-21 (ter terechtzitting gevoegd: 20-003216-23)
Uitspraak : 17 december 2025
TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen de vonnissen van de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch, van 6 september 2021 in de strafzaak met parketnummer 01-145855-20 en van 24 november 2023 in de strafzaak met parketnummer 01-317001-21, welke strafzaken in hoger beroep zijn gevoegd, tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1962,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep met parketnummer 01-145855-20 heeft de rechtbank de verdachte vrijgesproken van het primair en subsidiair tenlastegelegde.
De officier van justitie heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Bij vonnis waarvan beroep met parketnummer 01-317001-21 heeft de rechtbank de verdachte ter zake van “feitelijke aanranding van de eerbaarheid” (primair tenlastegelegde) veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 dag en een taakstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair 30 dagen hechtenis. Voorts is de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] toegewezen tot een bedrag van € 935,00, bestaande uit € 435,00 aan materiële schade en € 500,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente voor wat betreft de materiële schade vanaf 12 oktober 2021 en voor wat betreft de immateriële schade vanaf 29 augustus 2018. Verder heeft de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel opgelegd en is de verdachte veroordeeld in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, ten tijde van het wijzen van het vonnis begroot op nihil. De benadeelde partij is voor het overige van de vordering niet-ontvankelijk verklaard.
Zowel de verdachte als de officier van justitie hebben tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Voeging
De strafzaak met parketnummer 01-145855-20 is bij het hof geregistreerd onder parketnummer 20-002220-21 (hierna: zaak A).
De strafzaak met parketnummer 01-317001-21 is bij het hof geregistreerd onder parketnummer 20-003216-23 (hierna: zaak B).
Ter terechtzitting in hoger beroep op 3 december 2025 zijn voormelde zaken gevoegd.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de vonnissen waarvan beroep zal vernietigen en de verdachte, opnieuw rechtdoende, ter zake van het in zaak A en zaak B primair tenlastegelegde zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Voorts heeft de advocaat-generaal gevorderd dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] in zaak B integraal dient te worden toegewezen.
De raadsman van de verdacht heeft primair vrijspraak bepleit. Subsidiair is een straftoemetingsverweer gevoerd. Voorts heeft de raadsman ten aanzien van de benadeelde partij primair bepleit dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk dient te worden verklaard en subsidiair dat er geen sprake is van een causaal verband tussen de gevorderde schade en het tenlastegelegde.
Vonnissen waarvan beroep
De beroepen vonnissen in de zaken A en B zullen worden vernietigd reeds omdat de zaken in hoger beroep door het hof zijn gevoegd.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
Zaak met parketnummer 01-145855-20 (zaak A):
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 29 november 2019 tot en met 12 december 2019 te Geldrop-Mierlo, in elk geval in Nederland,
meermalen, althans eenmaal,
door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handelingen, te weten
- het meermalen, althans eenmaal, betasten en/of aanraken van de billen van die [slachtoffer 2] en/of het maken van wrijvende bewegingen over de billen van die [slachtoffer 2] en/of
- het meermalen, althans eenmaal, met zijn, verdachtes, (stijve) penis duwen/drukken tegen de arm(en), althans het lichaam, van die [slachtoffer 2]
en bestaande dat/die geweld en/of een andere feitelijkhe(i)d(en) en/of de bedreiging met geweld en/of de bedreiging met andere feitelijkhe(i)d(en) hieruit dat hij, verdachte,
- als (sport- en/of ontspannings)masseur, in het kader van een behandeling/massage die [slachtoffer 2] in een afhankelijkheidsrelatie met hem, verdachte, heeft gebracht en/of
- die [slachtoffer 2] op een behandeltafel/massagetafel plaats heeft laten nemen en/of
- een handdoek over de ogen van die [slachtoffer 2] heeft gelegd en/of
- plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil van die [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, de billen van die [slachtoffer 2] heeft betast en/of aangeraakt en/of wrijvende bewegingen over de billen van die [slachtoffer 2] heeft gemaakt en/of
- plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil van die [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, met zijn (stijve) penis tegen de arm(en), althans het lichaam, van die [slachtoffer 2] heeft aangeduwd/aangedrukt;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 29 november 2019 tot en met 12 december 2019 te Geldrop-Mierlo, in elk geval in Nederland,
meermalen, althans eenmaal, (telkens) terwijl hij werkzaam was als (sport- en/of ontspannings)masseur in de gezondheidszorg en/of maatschappelijke zorg, ontucht heeft gepleegd met [slachtoffer 2] , die zich als patiënt en/of cliënt aan verdachtes hulp en/of zorg had toevertrouwd, immers heeft hij, verdachte,
- als (sport- en/of ontspannings)masseur, in het kader van een behandeling/massage die [slachtoffer 2] in een afhankelijkheidsrelatie met hem, verdachte, gebracht en/of
- die [slachtoffer 2] op een behandeltafel/massagetafel plaats laten nemen en/of
- een handdoek over de ogen van die [slachtoffer 2] gelegd en/of
- meermalen, althans eenmaal, de billen van die [slachtoffer 2] betast en/of aangeraakt en/of wrijvende bewegingen over de billen van die [slachtoffer 2] gemaakt en/of
- meermalen, althans eenmaal, met zijn (stijve) penis tegen de arm(en), althans het lichaam, van die [slachtoffer 2] aangeduwd/aangedrukt;
Zaak met parketnummer 01-317001-21 (zaak B):hij op of omstreeks 29 augustus 2018 te Geldrop, in elk geval in Nederland, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handelingen, te weten
- het betasten en/of aanraken van de borst(en) van die [slachtoffer 1] en/of het maken van wrijvende bewegingen over de borst(en) van die [slachtoffer 1] en/of
- het kussen van die [slachtoffer 1] en/of
- het omhelzen van die [slachtoffer 1]
en bestaande dat/die geweld en/of een andere feitelijkhe(i)d(en) en/of de bedreiging met geweld en/of de bedreiging met andere feitelijkhe(i)d(en) hieruit dat hij, verdachte,
- als (sport- en/of ontspannings)masseur, in het kader van een behandeling/massage die [slachtoffer 1] in een afhankelijkheidsrelatie met hem, verdachte, heeft gebracht en/of
- die [slachtoffer 1] op een behandeltafel/massagetafel plaats heeft laten nemen en/of
- de borst(en) van die [slachtoffer 1] plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil van die [slachtoffer 1] heeft betast en/of aangeraakt en/of wrijvende bewegingen over de borst(en) van die [slachtoffer 1] heeft gemaakt en/of
- die [slachtoffer 1] plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil heeft gekust en/of
- die [slachtoffer 1] plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil heeft omhelsd;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
hij op of omstreeks 29 augustus 2018 te Geldrop, in elk geval in Nederland, terwijl hij werkzaam was als (sport- en/of ontspannings)masseur in de gezondheidszorg en/of maatschappelijke zorg, ontucht heeft gepleegd met [slachtoffer 1] , die zich als patiënt en/of cliënt aan verdachtes hulp en/of zorg had toevertrouwd, immers heeft hij, verdachte,
- als (sport- en/of ontspannings)masseur, in het kader van een behandeling/massage die [slachtoffer 1] in een afhankelijkheidsrelatie met hem, verdachte, gebracht en/of
- die [slachtoffer 1] op een behandeltafel/massagetafel plaats laten nemen en/of
- de borst(en) van die [slachtoffer 1] plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil van die [slachtoffer 1] betast en/of aangeraakt en/of wrijvende bewegingen over de borst(en) van die [slachtoffer 1] gemaakt en/of
- die [slachtoffer 1] plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil gekust en/of
- die [slachtoffer 1] plotseling en/of onverhoeds en/of tegen de wil omhelsd.
De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 01-145855-20 primair (zaak A) en in de zaak met parketnummer 01-317001-21 primair tenlastegelegde (zaak B) heeft begaan, met dien verstande, dat:
Zaak met parketnummer 01-145855-20 (zaak A):hij op tijdstippen in de periode van 29 november 2019 tot en met 12 december 2019 te Geldrop-Mierlo meermalen door een andere feitelijkheid [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het dulden van een of meer ontuchtige handelingen, te weten
- het betasten en/of aanraken van de billen van die [slachtoffer 2] en/of het maken van wrijvende bewegingen over de billen van die [slachtoffer 2] en/of
- het meermalen, met zijn, verdachtes, (stijve) penis duwen/drukken tegen de arm van die [slachtoffer 2]
en bestaande die andere feitelijkhe(i)d(en) hieruit dat hij, verdachte,
- als (ontspannings)masseur, in het kader van een behandeling/massage die [slachtoffer 2] in een afhankelijkheidsrelatie met hem, verdachte, heeft gebracht en
- die [slachtoffer 2] op een behandeltafel/massagetafel plaats heeft laten nemen en/of
- plotseling en onverhoeds en tegen de wil van die [slachtoffer 2] de billen van die [slachtoffer 2] heeft betast en/of aangeraakt en/of wrijvende bewegingen over de billen van die [slachtoffer 2] heeft gemaakt en/of
- plotseling en onverhoeds en tegen de wil van die [slachtoffer 2] meermalen met zijn (stijve) penis tegen de arm van die [slachtoffer 2] heeft aangeduwd/aangedrukt;
Zaak met parketnummer 01-317001-21 (zaak B):
hij op 29 augustus 2018 te Geldrop door een andere feitelijkheid [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, te weten
- het betasten en/of aanraken van de borsten van die [slachtoffer 1] en
- het kussen van die [slachtoffer 1] en
- het omhelzen van die [slachtoffer 1]
en bestaande die andere feitelijkheid hieruit dat hij, verdachte,
- als (ontspannings)masseur, in het kader van een behandeling/massage die [slachtoffer 1] in een afhankelijkheidsrelatie met hem, verdachte, heeft gebracht en
- die [slachtoffer 1] op een behandeltafel/massagetafel plaats heeft laten nemen en
- de borsten van die [slachtoffer 1] plotseling en onverhoeds en tegen de wil van die [slachtoffer 1] heeft betast en/of aangeraakt en
- die [slachtoffer 1] plotseling en onverhoeds en tegen de wil heeft gekust en
- die [slachtoffer 1] plotseling en onverhoeds en tegen de wil heeft omhelsd.
Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.
Bewijsmiddelen
In zaak A:
Hierna wordt – tenzij anders vermeld – steeds verwezen naar het eindproces-verbaal opgemaakt door verbalisant [verbalisant 1] , hoofdagent van politie Eenheid Oost-Brabant, Dienst Regionale Recherche, afdeling thematische opsporing, team zeden, registratienummer PL2100-2019261085, gesloten d.d. 25 mei 2020, bevattende een verzameling op ambtseed dan wel ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal van politie met doorgenummerde dossierpagina’s 1-31. Alle verklaringen zijn, voor zover nodig, zakelijk weergegeven.

Proces-verbaal van aangifte d.d. 15 januari 2020, dossierpagina’s 7-11, voor zover inhoudende als verklaring van aangeefster [slachtoffer 2] :

Plaats delict: [adres]
Op 13 december 2019 heeft u bij de politie gemeld dat u onzedelijk betast zou zijn
door een masseur. U hebt hierover destijds uitgebreid telefonisch gesproken met een
zedenrechercheur. U heeft destijds ook uitleg gehad over wat het doen van aangifte inhoudt. Inmiddels heeft u aangegeven aangifte te willen doen tegen deze masseur.
Waarvan wilt u aangifte doen?
- Dat er iemand aan mijn lichaam heeft gezeten op plekken waar ik niet van gediend ben. Hij heeft mijn billen gemasseerd. Meneer legde zijn huishouden (
het hof begrijpt:geslachtsdeel)tegen mijn arm terwijl hij aan het masseren was en hij begon toen ook nog te hijgen.
Wie was deze man?
[verdachte]
(het hof begrijpt: de verdachte)
Wanneer bent u voor de eerste keer door hem gemasseerd?
- Ik kan dat zien in mijn appberichten. Dat is geweest op 22 november 2019.
Waar ga je dan naar toe?
- Naar [adres] . Dat is zijn woonhuis.
Hij had zijn massageruimte op zolder. Ik ben met hem naar de zolderruimte gegaan. Ik moest me ontkleden. Ik hield mijn BH en onderbroek aan. Hij zei dat mijn BH uit moest omdat hij er anders niet bij kon. Ik heb dat toen gedaan. Ik ben vervolgens op de massagetafel gaan liggen. Mijn onderbroek mocht ik aanhouden.
Wanneer ga je dan weer naar hem toe?
- Op 2 december 2019.
Hoe verliep dat?
- Tijdens de massage voelde ik zijn onderkant, zijn geslachtsdeel tegen mijn arm
aankomen. Ik lag op dat moment op mijn rug. Zijn geslachtsdeel was hard. (…) Ik heb die dag dezelfde behandeling gekregen als tijdens de eerste keer.
Dan komt de 3e afspraak?
- Ik ben op 12 december
(het hof begrijpt: 2019)naar hem toe gegaan. Hij zou mij op dezelfde manier masseren. Ik ben naar de zolder gegaan en heb me uitgekleed. Ik had alleen mijn onderbroek nog aan. Ik ben op de massagetafel gaan liggen en hij is begonnen met masseren. Ik moest op enig moment om mijn rug gaan liggen. Hij legde toen een handdoek op mijn ogen zodat ik in alle rust zou kunnen ontspannen. Verder bedekte hij met een handdoek het gedeelte van het lichaam wat op dat moment niet behandeld werd. Ik voelde dat hij mijn bovenkant ging masseren. Ik voelde toen dat zijn geslachtsdeel op mijn arm lag. Zijn geslachtsdeel was hard. Ik had het idee dat hij zich aan het opgeilen was op mijn lichaam.
Welke delen heeft hij die dag gemasseerd?
- Gewoon mijn lichaam, maar ook mijn billen. Hij deed mijn onderbroek heel ver naar
beneden. Ik heb het voorgedaan bij mijn man. Die zei toen: "jouw vagina is zo gewoon
te zien". Hij heeft mijn billen toen ook gemasseerd, op de blote huid. Ik lag op dat
moment op mijn buik. Ik had die dag een verbandje in mijn onderbroek zitten. Met het
naar beneden doen van mijn broek schoof dit verbandje als het ware onder mijn
lichaam.
- Een dag later heb ik hem geappt en geschreven dat ik geen vervolgafspraken meer wilde en de al gemaakte afspraak wilde afzeggen omdat hij in mijn comfortzone was gekomen. Hij bevestigde per app dat hij dat inderdaad had gedaan.

Een schriftelijk bescheid, te weten een uitdraai van een Whatsapp-gesprek vanaf 16 november 2019 tot en met 21 december 2019 tussen aangeefster en de verdachte, dossierpagina’s 12-17, voor zover inhoudende:

13-12-2019 12:33 - [slachtoffer 2] : Ik wil de behandelingen stoppen. Je komt te ver in mijn comfortzone en vind dat niet fijn. Het voelt dat dat steeds verder gaat. Heb dat van te voren ook aangegeven dat dat een probleem bij mij is.
13-12-2019 13:36 - [verdachte] : Hoi [slachtoffer 2] ....nou dat had ik ook dat ik te wat te ver was gegaan. Heb er gisteren ook nog aan gedacht hoor. Baal hier heel erg van....gaat mij? Ook nooit meer gebeuren. En als ik nu eens helemaal uit je comfortzone blijf. Zou je het dan nog eens willen proberen. Dan kunnen we het er de volgende keer er even over hebben. Nogmaals sorry hiervoor.
13-12-2019 13:39 - [slachtoffer 2] : Dat gaat mij denk ik niet lukken. Ik ben hier behoorlijk van geschrokken en heb het vandaag pas bespreekbaar durven maken aan mijn man. Omdat ik dacht misschien stel ik me aan.
13-12-2019 13:44 - [verdachte] : Nee natuurlijk stel je je niet aan. Snap dat je bent geschrokken. Eerlijk gezegd ik ook van mezelf....wel laten het maar even bezinken oke. Vind je het goed als ik je in het nieuwe jaar weer een een appje stuur. Beloof je gaat mij nooit meer gebeuren.
13-12-2019 13:46 - [slachtoffer 2] : Ik voel me er echt niet prettig bij en ga dat gevoel ook niet meer terug krijgen. Bang dat het weer gebeurd. Mijn vertrouwen om iemand anders aan mijn lichaam te laten komen is nu nog verder weg.
13-12-2019 14:04 - [verdachte] : Nou dat vind ik heel erg.... en nooit de bedoeling geweest. Snap het wel.. nogmaals mijn oprechte excuses hiervoor.
13-12-2019 14:06 - [slachtoffer 2] : Voor mij is het klaar en heb eerlijk gezegd geen behoefte om in het nieuwe jaar weer contact te leggen.
13-12-2019 18:58 - [slachtoffer 2] : Wat ik graag wil weten. Hoe kwam je hierbij? En waarom dacht je dit te moeten doen. Je wist dat ik er heel veel moeite mee heb. En dan doe jij dit. Zo word het voor mij nog moeilijker mensen te vertrouwen. Hoop dat je echt begrijpt wat je
gedaan hebt echt niet kan. Doe jij dit vaker vraag ik me dan af. Je hebt geluk dat ik er verder niks mee doe een ander had misschien wel stappen ondernomen. Echt kan er niet bij dat jij zo bent. Had het anders verwacht.
13-12-2019 19:30 - [verdachte] : Hoi [slachtoffer 2] ..... ik heb er echt, echt, totaal geen verklaring voor. Ik baal hier ook ontzettend van. Het is ook totaal niet hoe ik ben. Kom nooit in de mensen hun comfortzone normaal. Ik doe wel veel hetzelfde maar ga nooit te ver. Waarom nu
wel.... ik weet t echt niet. Vind het echt heel erg. Kan t niet genoeg zeggen. En dat meen ik echt.

Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 25 mei 2020, dossierpagina’s 22-30, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte:

We hebben begrepen dat je naast je werk als ambulance chauffeur ook massages geeft.
Vertel daar eens over?
- Ik heb daar de opleiding voor gedaan omdat ik dat leuk vond.
Waar geef je die massages?
- Thuis in mijn huis.
Waar in huis?
- Op zolder
(…)
Hoe vaak is [slachtoffer 2] bij jou thuis geweest voor een massage?
- Precies weet ik niet. Een keer of vier.
Waar in jouw woning werd de massage aan haar gegeven?
- Gewoon op zolder.

Het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 2] bij de rechter-commissaris d.d. 4 mei 2021 voor zover inhoudende:

Ik heb meerdere klaplongen gehad. Mijn man vond dat ik de massages van [verdachte] moest proberen, want dan zou mijn leven weer wat fijner kunnen zijn. [verdachte] zou mij gaan masseren aan schouders en bovenrug en aan mijn ademhalingsspieren aan de voorkant. Die zitten volgens mij boven mijn borsten. Hij zou vervolgens ook een ontspanningsmassage geven, want dan zou mijn lichaam tot rust komen. Hij vertelde mij over die ontspanningsmassage toen ik de eerste keer daar kwam. De eerste keer ging ook prima en naar mijn zin. De tweede of derde keer begon ik dingen te merken. Hij
ging met zijn lichaam tegen mij aan staan. Ik meen dat ik voelde dat hij met zijn geslachtsdeel tegen mijn bovenarm aankwam, terwijl ik op het massagebed lag met een handdoek over mijn ogen. In die tweede of derde sessie heb ik volgens mij meerdere keren zijn geslachtsdeel tegen mijn bovenarm gevoeld. U vraagt mij of dat zacht of hard aanvoelde. Het voelde hard aan.
[verdachte] heeft ook mijn billen gemasseerd. Waarbij hij mijn onderbroek naar beneden deed, zodat die onder mijn billen zat. Hij kon dan beter bij mijn billen en dat was voor mijn rugspieren. Hij ging daar steeds een stukje verder in.
In zaak B:
Hierna wordt – tenzij anders vermeld – steeds verwezen naar het eindproces-verbaal opgemaakt door verbalisant [verbalisant 3] , hoofdagent van politie Eenheid Oost-Brabant, Dienst Regionale Recherche, afdeling thematische opsporing, team zeden, registratienummer PL2100-2021193821, gesloten d.d. 18 november 2021, bevattende een verzameling op ambtseed dan wel ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal van politie met doorgenummerde dossierpagina’s 1-57. Alle verklaringen zijn, voor zover nodig, zakelijk weergegeven.

Proces-verbaal van aangifte d.d. 30 september 2021, dossierpagina’s 6-14, voor zover inhoudende als verklaring van aangeefster [slachtoffer 1] :

Kunt u vertellen wat er gebeurd is?
- Op enig moment zei hij dat hij
(het hof begrijpt: de verdachte)massages gaf en dat als ik iemand wist die een massage wilde dat kon. Hij vertelde dat hij een opleiding had gehad en dat hij die dus goed kon geven. Op enig moment dacht ik ach ja ik vind massages fijn, ik ken hem, het is vertrouwd waarom zou ik dat niet doen. Dat is een hele tijd goed gegaan zonder dat ik daar rare dingen bij heb gevoeld of gedacht. Ik ging daar om de maand of om de twee maanden naar toe.
Tot de laatste keer dat zijn hand volledig onder het kleedje ging en over mijn
borsten ging. Toen lag ik daar helemaal verstijfd en kon ik niet meer reageren. Ik was
zo verbouwereerd dat ik niet kon reageren en de massage is afgemaakt door hem. Ik lag
daar helemaal verstijft maar kon niet reageren.
De massage was voorbij en hij zei ga maar even lekker rustig op de rand van de tafel
zitten en hij ging mij omhelzen. Hij wilde mij kussen en mij aanraken. Ik was weer
verbouwereerd en heb mijn armen langs mijn lichaam geklemd. Ik weet niet hoe lang dat
duurde maar ik heb op enig moment iets gezegd als dat het niet de bedoeling was.
Ik heb mij aangekleed, ik ben beneden gaan betalen en weggevlucht met een ontzettend
raar en vervelend gevoel. Ik heb thuis de eerste dag niets gezegd. Ik kon niet
begrijpen wat er gebeurd was.
Daarna dacht ik maar het is echt niet goed wat er gebeurd is. 's Nachts ging ik er over na denken en de dag erna zat ik op het werk en het zat zo hoog. Ik dacht ik moet hem iets sturen want ik kan dit toch niet laten gebeuren zonder reactie te geven.
Ik heb die dag een bericht gestuurd naar hem en het 's avonds tegen mijn man verteld. Ik heb mijn man gesmeekt om het voor zich te houden om het huwelijk van [verdachte] en zijn vrouw goed te houden.
Wanneer is dit gebeurd?
Het is op 29 augustus 2018 in de avond gebeurd.
Waar is dit gebeurd?
- Op de [adres]
(het hof begrijpt: [adres] )in Geldrop.
Waar heeft [verdachte] u precies aangeraakt als u zegt de borsten?
- Bij mijn borsten. De laatste keer was het aan beide kanten volledig over mijn borsten heen met beide handen. Hij masseerde de aanzet van mijn borsten aan de bovenzijde en ging naar beneden.
Hoe lag u?
-Op mijn rug.
Wat voor massage was het dan?
- Het was een volledige massage met uitzondering van de borsten en de schaamstreek.
Hoe waren uw kleren op dat moment?
– Ik droeg een onderbroek. Ik zat er niet op de wachten om geen onderbroek aan te hebben. Geen BH was al een hele stap. Over mijn borsten had ik een katoenen lapje.
U vertelde ook dat hij u omhelsde daarna en probeerde te zoenen. Hoe ging dat?
- Hij zei ga maar even op de rand zitten. Hij kwam naar mij toe en omhelsde mij en vroeg of het fijn was. Hij kuste mij en ik weet niet meer of het op mijn mond was. Ik voelde dat hij nog met zijn handen over mijn lichaam wilde gaan en ik heb op dat moment gedacht "nee" en de handen tegen mijn lichaam geklemd. Ik zei iets in de trant van dit is niet goed of
dat hoort niet.
Uit de melding begrepen wij dat er daarna nog via de telefoon contact is geweest
tussen u beide. Wat kunt u daarover vertellen?
- Ik heb hem dus een bericht gestuurd die 30 augustus 2018 waarop hij reageerde. Op 3
september 2018 heeft hij ook nog geappt.

Een schriftelijk bescheid, te weten een uitdraai van een Whatsapp-gesprek vanaf 3 augustus 2017 tot en met 11 december 2019 tussen aangeefster en de verdachte, dossierpagina’s 15-29, voor zover inhoudende:

30-08-2018 11:04 - [slachtoffer 1] : Hoi [verdachte] , er moet me iets van het hart maar
ik kan dit nu niet persoonlijk of via de telefoon zeggen. Omdat ik er geen dagen
met dit gevoel rond wil lopen stuur ik je dit berichtje. Ik wil even terugkomen
op gisterenavond. Ben erover aan het piekeren geweest en heb mede daardoor niet
goed geslapen. Voor mijn gevoel is gisteren de grens overschreden van vriendschappelijkheid en professionaliteit. Ik vind het heel lastig om dat te zeggen omdat ik je dan wellicht kwets maar door niets te zeggen kwets ik mezelf/doe ik mezelf tekort en
dat kan helemaal niet de bedoeling zijn. Ik voelde me ongemakkelijk in een situatie waarin ik me veilig had willen voelen. In het verleden heb ik dergelijke situaties met anderen meegemaakt en daar nooit iets van durven zeggen. Tot op heden worstel ik daar dan ook nog mee terwijl ik dat niet wil. Ik kan alleen dit patroon doorbreken door te zeggen hoe ik me voel wanneer er iets gebeurt wat niet goed voelt. Als ik eraan toe ben dan kunnen we dit t.z.t. wellicht nog persoonlijk bespreken maar voor nu geeft het op deze manier uiten van mijn gevoel al genoeg spanning.
Groetjes, [slachtoffer 1]
30-08-2018 12:07 - [verdachte] : Hoi [slachtoffer 1] .. ik kan me helemaal vinden in je appje. heb
er ook over nagedacht. Snap zelf ook niet hoe ik het zover heb laten komen. Is
mij nog nooit gebeurt... gaat ook nooit nooit meer gebeuren. Ik wil bij deze ook
mijn excuses aanbieden. Maar we hebben het er samen nog wel over. Nogmaals sorry
en ik hoop dat t onder ons blijft. Gr
03-09-2018 09:50 - [verdachte] : Hoi [slachtoffer 1] ... hoe gaat het. Ik moet eerlijk zeggen dat
ik er zelf ook heel veel mee bezig ben. Moet er ook nog veel aan denken. Snap nu
nog steeds niet hoe het kon gebeuren nog nooit overkomen laat staan er
uberhaubt maar aan gedacht heb.... hoop echt dat t onder ons blijft en dat we er
binnenkort er samen eens over kunnen hebben. Nogmaals mijn exusus hiervoor en
gaat mij noooit meer gebeuren. Gr [verdachte]
03-09-2018 10:35 - [slachtoffer 1] : Hoi [verdachte] , ook ik ben er heel veel mee bezig
geweest en hierdoor is er oude shit boven komen drijven. Heb het wel aan Kees
verteld want die zag donderdagavond iets aan mij toen ik binnen kwam. Weet niet
of ik nu al toe ben aan een gesprek hierover maar dat moet er tzt wel van komen.
Groetjes, [slachtoffer 1]

Proces-verbaal van getuige d.d. 22 november 2021, dossierpagina’s 39-42, voor zover inhoudende als verklaring van getuige [getuige] :

U bent benaderd als getuige in verband met het feit dat uw vrouw [slachtoffer 1] aangifte heeft gedaan van een strafbaar feit gepleegd op 29 augustus 2018 te Geldrop.
Was u op de hoogte dat [slachtoffer 1] aangifte heeft gedaan?
- Ja.
En tegen wie?
- Tegen de heer [verdachte] .
Wat kunt u vertellen over wat haar zou zijn overkomen?
- Op de bewuste avond kwam ik thuis van het werk of zij kwam thuis van de massage en
ze had een beetje een down/afwezig gevoel. Ik dacht dat het kwam door de massage en
dat ze daar wat last van had. De dag erna heeft zij mij vertelt wat haar was overkomen. Ze vertelde dat meneer zijn handen niet thuis had kunnen houden.
Wat bedoelt ze daar dan mee?
- Zover ik begreep van mijn vrouw is dat hij haar wilde zoenen na de massage toen zij op de rand van het massagebed zat en zij heeft tegen mij verteld dat hij haar bij haar borsten had gepakt. Ze vertelde ook dat toen hij haar wilde zoenen zij hem ook meteen had weggeduwd.

Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 23 november 2021, dossierpagina’s 47-54, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte:

Ik heb een massagekamer op de zolder van mijn woning.

Het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 1] bij de rechter-commissaris d.d. 9 december 2022 voor zover inhoudende:

U vraagt mij wat er op 29 augustus 2018 is gebeurd.
Hij heeft mijn borsten gemasseerd.
U vraagt mij hoe dat exact is gebeurd.
Hij is met zijn handen vol over mijn borsten gegaan en dat hoort niet bij een massage. Ik lag onder een handdoek en toen ging hij met zijn handen daaronder vol over mijn borsten. Ik verstijfde hierdoor. Nadat de massage afgelopen was, zat ik op de rand van de massagetafel en heeft hij mij gekust en weer proberen aan mijn borsten te zitten. Ik hield mijn armen voor mijn borsten zodat hij er niet bij kon en heb toen gezegd dat dat niet de bedoeling was. Ik ben op de mond gekust door hem zoals ik mij nu herinner. Nadat u mij voorhoud dat ik bij de politie heb verklaard dat ik op dat moment niet wist of ik op de mond of op de wang ben gekust zeg ik nu dat ik het niet 100% zeker weet of het op de mond was maar in mijn beleving was het op de mond. Ik weet in ieder geval zeker dat hij mij gezoend heeft.

Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] bij de raadsheer-commissaris d.d. 19 november 2024 voor zover inhoudende:

Raadsheer-commissaris: Weet u nog wanneer uw echtgenote aan u kenbaar heeft gemaakt dat zij onheus zou zijn bejegend door de heer [verdachte] ?
Getuige: De dag nadien.
Raadsheer-commissaris: Kunt u zich nog herinneren wat uw vrouw nu precies tegen u heeft
gezegd over wat er is gebeurd?
Getuige: De strekking was dat ze emotioneel was. Ze was aangerand.
Bewijsoverwegingen
De raadsman van de verdachte heeft – op de gronden zoals nader verwoord in de pleitnota – vrijspraak bepleit in zowel zaak A als in zaak B. Daartoe heeft de raadsman in zaak A aangevoerd dat geen sprake is van enig steunbewijs voor de verklaring van aangeefster [slachtoffer 2] . De Whatsapp-berichten ondersteunen immers niets anders dan het bestaan van een misverstand – niet van ontucht. Voorts heeft [slachtoffer 2] volgens de raadsman wisselend verklaard en wordt in de appjes niet gesproken over een handeling met een seksuele strekking, maar over ervaren ongemak. De reactie van de verdachte is geen erkenning van ontucht, maar een poging tot het de-escaleren van een misverstand.
In zaak B heeft de raadsman voorts bepleit dat de verklaring van aangeefster [slachtoffer 1] op essentiële onderdelen intern inconsistent en derhalve als bewijs volstrekt ongeloofwaardig is. Daarnaast ontbreekt iedere vorm van steunbewijs. De Whatsapp-berichten vermelden geen concrete feiten/handelingen, maar een gevoelen en ondersteunen immers ook in deze zaak niets anders dan het bestaan van een misverstand – niet van ontucht.
Het hof overweegt dienaangaande als volgt.
Wettelijk kader
Op grond van artikel 342 lid 2 van het Wetboek van Strafvordering kan het bewijs dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van één getuige. De vraag of aan het bewijsminimum van artikel 342 lid 2 van het Wetboek van Strafvordering is voldaan, kan volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad, niet in algemene zin worden beantwoord, maar vergt een beoordeling van het concrete geval. In zedenzaken is niet vereist dat het misbruik zelf steun vindt in ander bewijsmateriaal, maar is het afdoende wanneer de verklaring van een slachtoffer op bepaalde punten bevestiging vindt in andere bewijsmiddelen, afkomstig van een andere bron dan degene die de belastende verklaring heeft afgelegd. Tussen de verklaring en het overige gebezigde bewijsmateriaal mag geen sprake zijn van een te ver verwijderd verband.
Betrouwbaarheid van de verklaringen van aangeefsters [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] en steunbewijs
Het hof ziet geen redenen om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de verklaringen van aangeefsters [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] . Naar hofs oordeel is geen enkel motief aannemelijk geworden waarom aangeefsters [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] de verdachte onterecht zouden willen beschuldigen van aanranding. De verklaringen zijn voorts in de kern consistent. Dat aangeefster [slachtoffer 1] pas drie jaren na het tenlastegelegde aangifte heeft gedaan, doet daaraan niet af. [slachtoffer 1] heeft uitgelegd waarom dat is gebeurd: zij dacht aanvankelijk dat de verdachte misschien gevoelens voor haar had, dat dit een incident was en zij wilde het huwelijk van de verdachte niet op het spel zetten. Eerst nadat ze in de media had vernomen van de andere hier aanhangige zaak, bleek dat anders voor haar en wilde ze aangifte doen om te voorkomen dat de verdachte in herhaling zou vallen. Deze uitleg acht het hof begrijpelijk, zodat het moment van haar aangifte niet maakt dat haar verklaring als onbetrouwbaar kan worden aangemerkt.
Zowel de verklaringen van [slachtoffer 2] als die van [slachtoffer 1] vinden in hun eigen zaak steun in de daags na de massages gestuurde Whatsapp-berichten tussen [slachtoffer 2] en de verdachte respectievelijk [slachtoffer 1] en de verdachte. Het hof acht de verklaring van de verdachte ten aanzien van de door hem verstuurde berichten, namelijk dat hij die berichten schreef omdat zowel [slachtoffer 1] als [slachtoffer 2] zich niet prettig hadden gevoeld en hij daarvan baalde, ongeloofwaardig en schuift deze terzijde. Naar het oordeel van het hof kan het – gelet op de context van de Whatsapp-berichten en het tijdstip waarop deze zijn verstuurd, namelijk daags na de massage – niet anders dan dat de berichten zagen op de ontuchtige handelingen die de dag daarvoor bij de massage hadden plaatsgevonden en dat de verdachte dat handelen in die berichten erkent. De door de verdachte hierin gebruikte bewoordingen zijn naar het oordeel van het hof maar voor een uitleg vatbaar. Het hof is derhalve van oordeel dat de Whatsapp-berichten zowel voor de verklaring van aangeefster [slachtoffer 2] als de verklaring van aangeefster [slachtoffer 1] voldoende steunbewijs bieden.
In elk van beide zaken A en B geven de respectieve verklaringen van aangeefsters in combinatie met de in die zaak gestuurde whatsapp-berichten voldoende wettig en overtuigend bewijs voor het tenlastegelegde in de betreffende strafzaak A en B. Er is geen noodzaak om de verklaringen en whatsapp-berichten in de ene zaak als schakelbewijs in de andere zaak te gebruiken.
In de zaak van aangeefster [slachtoffer 1] dient tevens de verklaring van getuige [getuige] nog als steunbewijs. Hij heeft immers verklaard dat aangeefster bij thuiskomst na de massage op 29 augustus 2018 een down/afwezig gevoel had en dat zij emotioneel werd toen zij [getuige] een dag later vertelde wat er die avond daarvoor was gebeurd.
Ontuchtige handelingen
Ten aanzien van aangeefster [slachtoffer 2]
De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat het normaal is om in het kader van een ontspanningsmassage ook de bovenkant van de billen mee te masseren, omdat op die wijze de gehele rugspier kan worden meegenomen in de massage. De verdachte heeft verklaard dat de onderbroek daarvoor tot een kwart boven de helft van de bil naar beneden moet worden gedaan. Aangeefster [slachtoffer 2] heeft verklaard dat de verdachte haar billen heeft gemasseerd en dat hij haar onderbroek tot onder haar billen naar beneden heeft geschoven. De verdachte zou tegen haar hebben gezegd dat hij dan beter bij haar billen kon en dat dat beter was voor haar rugspieren. Het hof is, gelet op de verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep, van oordeel dat het in het kader van de ontspanningsmassage niet nodig was om de gehele onderbroek naar beneden te doen en de billen van aangeefster te masseren. Het hof acht dit handelen van de verdachte dan ook ontuchtig. Dat het tegen haar aanduwen dan wel aandrukken van de (stijve) penis van de verdachte gedurende de massage, ontuchtig is, behoeft geen verder betoog. Het verweer van de verdachte dat de massagetafel tot de bovenkant van zijn heup stond en deze beschuldiging derhalve onmogelijk is, schuift het hof als ongeloofwaardig terzijde. Zoals hierboven reeds is overwogen, acht het hof de verklaring van aangeefster [slachtoffer 2] betrouwbaar en wordt deze verklaring genoegzaam ondersteunt door de inhoud van de daags daarna gestuurde Whatsapp-berichten over en weer.
Ten aanzien van aangeefster [slachtoffer 1]
Het hof leidt uit de verklaringen van aangeefster [slachtoffer 1] af dat zij niet meer weet of de verdachte haar op haar mond of op haar wang heeft gekust, maar dat zij in ieder geval zeker weet dat hij haar heeft gekust. Voor het hof is echter voldoende komen vast te staan dat aangeefster door de verdachte is gekust en dat dit onverhoeds was. Het hof acht die handeling, of dat nou op de mond of op de wang was, dan ook ontuchtig.
Het hof verwerpt mitsdien de tot vrijspraak strekkende verweren van de verdediging in al zijn onderdelen. Nu het hof geen gebruik maakt van schakelbewijs, behoeft dat verweer van de verdediging geen nadere bespreking.
Conclusie
Resumerend acht het hof, op grond van het hiervoor overwogene en de gebezigde bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het in zaak A en in zaak B primair tenlastegelegde heeft begaan, op de wijze zoals in de bewezenverklaring is vermeld.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het in de zaak met parketnummer 01-145855-20 primair bewezenverklaarde (zaak A) wordt als volgt gekwalificeerd:

feitelijke aanranding van de eerbaarheid, meermalen gepleegd.

Het in de zaak met parketnummer 01-317001-21 primair bewezenverklaarde (zaak B) wordt als volgt gekwalificeerd:

feitelijke aanranding van de eerbaarheid.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten. De feiten zijn strafbaar.
Strafbaarheid van de verdachte
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezenverklaarde.
Op te leggen straf
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren.
De raadsman van de verdachte heeft bepleit dat ingeval van strafoplegging dient te worden volstaan met oplegging van 1 dag gevangenisstraf in combinatie met een korte taakstraf.
Het hof heeft bij het bepalen van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarnaast is gelet op de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komende in de hierop gestelde wettelijke strafmaxima en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.
Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan feitelijke aanranding van de eerbaarheid jegens de slachtoffers [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] . De verdachte heeft beide slachtoffers binnen een behandelrelatie als masseur tijdens dan wel na de massage plotseling, onverhoeds en tegen de wil betast/aangeraakt. Zo heeft de verdachte slachtoffer [slachtoffer 1] plotseling, onverhoeds en tegen haar wil gekust, omhelsd en haar borsten betast en/of aangeraakt. Slachtoffer [slachtoffer 2] is voorts plotseling, onverhoeds en tegen de wil betast op haar billen. De verdachte heeft daarnaast meermalen met zijn (stijve) penis tegen haar arm geduwd/gedrukt. Door aldus te handelen heeft de verdachte de lichamelijke integriteit van de slachtoffers ernstig aangetast. Het hof rekent het de verdachte aan dat heeft gehandeld zoals bewezen is verklaard.
Het hof heeft acht geslagen op de inhoud van het uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 9 oktober 2025, betrekking hebbende op het justitiële verleden van de verdachte, waaruit naar voren komt dat de verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is geweest.
Voorts heeft het hof acht geslagen op de overige persoonlijke omstandigheden van de verdachte, voor zover daarvan ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken, waaronder de omstandigheid dat de verdachte ten gevolge van onderhavige procedure zijn baan is kwijt geraakt.
Alles afwegende acht hof in beginsel, daarmee rekening houdend met het taakstrafverbod, oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van één dag en een taakstraf voor de duur van 120 uren subsidiair 60 dagen hechtenis, passend en geboden.
Met betrekking tot het procesverloop overweegt het hof het navolgende.
Het hof stelt voorop dat iedere verdachte recht heeft op een openbare behandeling van zijn of haar zaak binnen een redelijke termijn. Deze waarborg strekt er onder meer toe te voorkomen dat een verdachte langer dan redelijk is onder de dreiging van een strafvervolging zou moeten leven.
Het hof stelt vast dat in hoger beroep de redelijke termijn is overschreden in zaak A. Namens de officier van justitie is in die zaak op 17 september 2021 hoger beroep ingesteld, terwijl het hof heden, 17 december 2025, arrest wijst. Er is derhalve sprake van een overschrijding van de redelijke termijn van 2 jaar en 3 maanden.
In zaak B is in hoger beroep slechts sprake van een geringe overschrijding van de redelijke termijn van twee weken.
Zoals hiervoor overwogen is het hof van oordeel dat zonder schending van de redelijke termijn een gevangenisstraf voor de duur van 1 dag en een taakstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis, passend en geboden is. Nu de redelijke termijn is geschonden, zal worden volstaan met oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 1 dag en een taakstraf voor de duur van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis.
Ontzetting van het recht tot het uitoefenen van een beroep
Vanuit preventief oogpunt acht het hof voorts wenselijk dat de verdachte niet meer in de hoedanigheid van masseur werkzaam zal zijn. Daarom zal het hof de verdachte voor de duur van 5 jaren ontzetten van het recht tot het uitoefenen van het beroep van masseur, aangezien de verdachte de bewezenverklaarde feiten in de hoedanigheid van masseur heeft begaan.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] : zaak B
De benadeelde partij [slachtoffer 1] heeft in eerste aanleg een vordering ingesteld, strekkende tot schadevergoeding tot een bedrag van € 2.197,00, te vermeerderen met de wettelijke rente. De vordering valt uiteen in de volgende posten:
€ 435,00 aan kosten hapto therapeut
€ 762,00 aan kosten behandeling Body Stress Release
€ 1.000,00 aan immateriële schade
Bij vonnis waarvan beroep is de vordering toegewezen tot een bedrag van € 935,00, te vermeerderen met de wettelijke rente voor wat betreft de materiële schade (€ 435,00) vanaf 12 oktober 2021 en voor wat betreft de immateriële schade (€ 500,00) vanaf 29 augustus 2018.
De benadeelde partij heeft de vordering in hoger beroep gehandhaafd.
Het hof overweegt als volgt.
Posten i. en ii.
Het hof is van oordeel dat het causale verband tussen het bewezenverklaarde handelen van de verdachte in zaak B en de door de benadeelde partij gevorderde schade onder de posten i. en ii. niet aannemelijk is geworden, reden waarom het hof de vordering ten aanzien van die posten zal afwijzen.
Post iii.
Ingevolge het bepaalde in artikel 6:106, aanhef en onder b van het Burgerlijk Wetboek heeft de benadeelde voor nadeel dat niet in vermogensschade bestaat recht op een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding indien de benadeelde “op andere wijze in zijn persoon is aangetast”.
De vraag die zich hier voordoet is of sprake is van een aantasting in de persoon “op andere wijze”. Daarvan is in ieder geval sprake indien de benadeelde partij naar objectieve maatstaven vast te stellen geestelijk letsel heeft opgelopen. Het bestaan van geestelijk letsel in voormelde zin zal de benadeelde moeten onderbouwen met medische stukken, waaruit dergelijk letsel blijkt. Ook als het bestaan van geestelijk letsel in voornoemde zin niet kan worden aangenomen, is niet uitgesloten dat de aard en de ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan voor de benadeelde, meebrengen dat van de in art. 6:106, aanhef en onder b, BW bedoelde aantasting in zijn persoon “op andere wijze” sprake is. In zo een geval zal degene die zich hierop beroept de aantasting in zijn persoon met concrete gegevens moeten onderbouwen. Dat is slechts anders indien de aard en de ernst van de normschending meebrengen dat de in dit verband relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat een aantasting in de persoon kan worden aangenomen.
De benadeelde partij heeft in de schriftelijke vordering aangevoerd dat sprake is van laatstgenoemde situatie. Het hof is echter van oordeel gelet op alle omstandigheden van het geval hiervan niet evident sprake is. Ook van het bestaan van geestelijk letsel bij de benadeelde partij is niet gebleken. Het hof wijst derhalve ook de vordering voor zover deze ziet op immateriële schade, af.
Proceskosten
Het hof acht termen aanwezig te bepalen dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De beslissing is gegrond op de artikelen 9, 22c, 22d, 28, 31, 57, 246 en 251 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:
vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 01-145855-20 primair (zaak A) en in de zaak met parketnummer 01-317001-21 primair (zaak B) tenlastegelegde heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart het in de zaak met parketnummer 01-145855-20 primair (zaak A) en in de zaak met parketnummer 01-317001-21 primair bewezenverklaarde (zaak B) strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) dag;

veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
100 (honderd) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
50 (vijftig) dagen hechtenis;
ontzetde verdachte van het
recht tot uitoefening van het beroepvan masseur voor de duur van 5 (vijf) jaren;
wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] tot schadevergoeding af;
bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.
Aldus gewezen door:
mr. C.M. Hilverda, voorzitter,
mr. R. Lonterman en mr. M.J.M.A. van der Put, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. M. Peperkamp, griffier,
en op 17 december 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. Lonterman is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.