ECLI:NL:GHSHE:2026:122
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- W.F. Koolen
- M.M. Koevoets
- R. de Bree
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel fosfaatrechten
In deze ontnemingszaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de economische politierechter te Oost-Brabant. De zaak betreft een vordering ex artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht tegen een rechtspersoon die wederrechtelijk voordeel heeft behaald uit fosfaatrechten.
De economische politierechter had het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €30.874,27 en een betalingsverplichting aan de Staat opgelegd. Namens de betrokkene werd hoger beroep ingesteld met het verzoek tot matiging van het bedrag.
Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd, met een nadere motivering en toevoeging van de verklaring van de vertegenwoordiger van de rechtspersoon tijdens de terechtzitting in hoger beroep. Het hof achtte geen concrete omstandigheden aanwezig die matiging van het bedrag rechtvaardigen.
De uitspraak is gedaan op 16 januari 2026 door de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch. De raadsheren waren voorzitter W.F. Koolen, M.M. Koevoets en R. de Bree, waarbij laatstgenoemde niet medeondertekende. De griffier was N.S. Willems Ettori-Oort.
Uitkomst: Het hof bevestigt de betalingsverplichting van €30.874,27 voor ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.