ECLI:NL:GHSHE:2026:1739
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Geen straf opgelegd voor rijden met ongeldig verklaard rijbewijs ondanks bewezen feit
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het besturen van een personenauto terwijl hij wist dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Het hof achtte dit feit wettig en overtuigend bewezen op basis van verklaringen, proces-verbaal en schriftelijke bescheiden van het CBR en RDW.
Hoewel de politierechter de verdachte eerder veroordeelde tot zes weken gevangenisstraf en verbeurdverklaring van het voertuig, vernietigde het hof dit vonnis vanwege onvoldoende motivering. Het hof volgde de vordering van de advocaat-generaal en verklaarde het tenlastegelegde bewezen, maar besloot geen straf of maatregel op te leggen.
Deze beslissing werd genomen vanwege de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder zijn positieve ontwikkelingen, het feit dat hij inmiddels clean is, een huurwoning heeft, als zzp’er werkt en zijn rijbewijs heeft gehaald. Ook werd rekening gehouden met het tijdsverloop van de strafzaak en het feit dat de verdachte al een voorwaardelijke straf onder proeftijd heeft.
De personenauto waarmee het feit werd begaan, werd verbeurd verklaard omdat deze aan de verdachte toebehoorde en werd gebruikt bij het plegen van het strafbare feit. De verbeurdverklaring werd niet betwist. Het hof gaf hiermee invulling aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht en de relevante bepalingen uit de Wegenverkeerswet 1994.
Uitkomst: Geen straf opgelegd voor rijden met ongeldig verklaard rijbewijs, wel verbeurdverklaring van de auto.