Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
’s-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- ‘handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd’ (feit 1);
- ‘handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd’ (feit 2), en
- ‘het verspreiden of anderszins ter beschikking stellen van persoonsgegevens van een ander of een derde met het oogmerk om die ander vrees aan te jagen dan wel aan te laten jagen, ernstige overlast aan te doen dan wel aan te laten doen of hem in de uitoefening van zijn ambt of beroep ernstig te hinderen dan wel ernstig te laten hinderen, meermalen gepleegd’ (feit 3 primair),
- dat sprake is van onherstelbare vormverzuimen in het voorbereidend onderzoek als bedoeld in artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering, zowel ten aanzien van de doorzoeking van de woning als het toegepaste politiegeweld bij aanhouding van de verdachte, hetgeen dient te leiden tot bewijsuitsluiting dan wel tot aanzienlijke strafvermindering;
- dat de verdachte wordt vrijgesproken van de onder feit 1 tenlastegelegde schietbekers en de patroonmagazijnen in de kalibers 5.56x45 millimeter Navo en .223;
- dat de verdachte ten aanzien van het onder feit 3 tenlastegelegde wordt ontslagen van alle rechtsvervolging voor wat betreft politieambtenaren [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] ;
- dat de verdachte ten aanzien van de tenlastegelegde drie gaspistolen onder feit 1 wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens afwezigheid van alle schuld.
hij op of omstreeks 14 augustus 2024 in de gemeente Bergen (L) een of meer wapen(s) van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een of meer vuurwapen(s):
- een patroonmagazijn geschikt voor kalibers 5.56X45 millimeter Navo en .223 (foto 24),
hij op of omstreeks 14 augustus 2024 in de gemeente Bergen (L) munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten een of meer patronen:
hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 9 juni 2023 tot en met 9 juli 2024 in de gemeente Bergen (L) een of meer persoonsgegevens van een ander/of een derde, te weten namen, foto’s en/of video’s van een ander, te weten
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden;
4 (vier) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;
onttrekking aan het verkeervan de inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
- 1 STK Wapen, zwart, patroonhouder, voorwerpnummer G1730151;
- 1 STK Wapen, Zoraki 9mm Pak, voorwerpnummer G1730155;
- 1 STK Wapen, Zoraki 9mm Pak, voorwerpnummer G1730157;
- 1 STK Wapen, zwart, voorwerpnummer G1730153;
- 1 STK Wapen, Zoraki 9mm Pak, voorwerpnummer G1730160;
- 2 STK Wapen, zwart, voorwerpnummer G1730161;
- 1 STK Wapen, zwart, voorwerpnummer G173056;
- 1 STK vuurwapen (geweer, Winchester M1893.38wcf, G1730163);
- 1 STK vuurwapen (hagelgeweer, Winchester Kaliber 12, G1730164);
- 1 STK vuurwapen (hagelgeweer, G1730165);
- 1 STK vuurwapen (geweer, Winchester.22 short, G1730166);
vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] :
vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] :
€ 250,00 (tweehonderdvijftig euro)als vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 5 juni 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 250,00 (tweehonderdvijftig euro)bestaande uit immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 5 juni 2024 tot aan de dag der algehele voldoening, en bepaalt dat gijzeling voor de duur
vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] :
vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4] :
€ 1.350,00 (duizend driehonderdvijftig euro)bestaande uit € 449,00 (vierhonderdnegenenveertig euro) als vergoeding van materiële schade en € 901,00 (negenhonderdéén euro) als vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdata tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 1.350,00 (duizend driehonderdvijftig euro)bestaande uit € 449,00 (vierhonderdnegenenveertig euro) materiële schadevergoeding en € 901,00 (negenhonderdéén euro) immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdata tot aan de dag der algehele voldoening, en bepaalt dat gijzeling voor de duur van ten hoogste 13 (dertien) dagen kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat toepassing van die gijzeling de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft;
76 (zesenzeventig) dagen.