Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Maastricht, waarin verdachte was veroordeeld voor het opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter vanwege onvoldoende motivering en verbeterde de tenlastelegging door toe te voegen dat het ging om een foto van een vals Brits rijbewijs.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 2 december 2023 te Voerendaal een foto van een vals Brits rijbewijs voorhanden had, terwijl hij wist dat dit geschrift bestemd was om als echt en onvervalst te worden gebruikt. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
De strafbaarheid van het feit werd bevestigd, waarbij het hof benadrukte dat het voorhanden hebben van een vals geschrift het vertrouwen in schriftelijke bewijsstukken schaadt en het plegen van andere misdrijven kan bevorderen. Ondanks het verzoek van de verdediging om een geheel voorwaardelijke straf of taakstraf op te leggen, vond het hof een gedeeltelijk voorwaardelijke gevangenisstraf passend en geboden.
Het hof veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 2 maanden, waarvan 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Deze straf weerspiegelt de ernst van het feit en dient tevens het voorkomen van nieuwe strafbare feiten. Het arrest werd op 27 januari 2026 uitgesproken door mr. A.J.M. van Gink, mr. A.C. van Campen en mr. M.A.M. Wagemakers.