ECLI:NL:GHSHE:2026:291

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
2 februari 2026
Publicatiedatum
10 februari 2026
Zaaknummer
20-002483-24
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 57 SrArt. 63 SrArt. 231 SrArt. 311 SrArt. 68 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep diefstal en identiteitsfraude met niet op naam gesteld rijbewijs

In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard voor een tenlastelegging wegens strijd met het ne bis in idem-beginsel, omdat verdachte reeds onherroepelijk in België voor hetzelfde feit was veroordeeld en de straf volledig had uitgezeten.

Het hof sprak verdachte vrij van de tenlasteleggingen met betrekking tot de diefstal en het bezit van een elektrische fiets, omdat het bewijs ontbrak dat verdachte deze handelingen had verricht of wetenschap had van het misdrijf.

Wettig en overtuigend bewezen werd verklaard dat verdachte op 23 juli 2023 te Roosendaal een bakfiets had gestolen door middel van verbreking en op 1 november 2021 te Oudenbosch opzettelijk en wederrechtelijk gebruik had gemaakt van een niet op zijn naam gesteld rijbewijs bij het afsluiten van een huurcontract.

De feiten werden gekwalificeerd als diefstal met braak en identiteitsfraude. Gelet op de ernst van de feiten en eerdere veroordelingen werd een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden opgelegd, met aftrek van voorarrest. De in beslag genomen bestelauto werd aan verdachte teruggegeven.

De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard en verwezen naar de burgerlijke rechter.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf voor diefstal en identiteitsfraude, met vrijspraak en niet-ontvankelijkheid voor overige tenlasteleggingen.

Uitspraak

Parketnummer : 20-002483-24
Uitspraak : 2 februari 2026
TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 6 september 2024 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 02-183164-23 en 02-064092-22 en 02-083656-22, tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992,
thans uit anderen hoofde verblijvende in P.I. Grave te Grave.
Hoger beroep
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat:
  • het hof het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk zal verklaren in de vervolging ten aanzien van het onder parketnummer 02-064092-22 onder 1 tenlastegelegde,
  • het beroepen vonnis voor het overige zal bevestigen, met uitzondering van de opgelegde straf,
  • en aan de verdachte zal opleggen:
- een gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden met aftrek van voorarrest,
- met integrale toewijzing van de vordering van de benadeelde partij en oplegging van de maatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht en
- met verbeurdverklaring van de in beslag genomen bestelauto.
Namens de verdachte is ten aanzien van het onder parketnummer 02-064092-22 onder 1 tenlastegelegde de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie bepleit wegens schending van het ne bis in idem-beginsel.
Ten aanzien van het onder parketnummer 02-064092-22 onder 2 tenlastegelegde heeft de verdediging zich gerefereerd aan het oordeel van het hof.
Ten aanzien van het onder parketnummer 02-183164-23 en het onder parketnummer 02-083656-22 primair en subsidiair tenlastegelegde is vrijspraak bepleit.
Vonnis waarvan beroep
Het beroepen vonnis zal worden vernietigd, omdat het niet te verenigen is met na te melden beslissing.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
parketnummer 02-183164-23:hij op of omstreeks 23 juli 2023 te Roosendaal een (bak)fiets (van het merk Urban Arrow), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 1] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of dat weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking;
parketnummer 02-064092-22:1.
hij op een tijdstip in of omstreeks de periode van 12 oktober 2021 tot en met 15 oktober 2021 te Essen (België), een verwarmings(CV)ketel en/of een of meerdere handgrepen en/of een schuif, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 2] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of dat weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;
2.
hij op of omstreeks 1 november 2021 te Oudenbosch, gemeente Halderberge, althans in Nederland opzettelijk en wederrechtelijk gebruik heeft gemaakt van een niet op zijn naam gesteld reisdocument en/of identiteitsbewijs als bedoeld in het eerste lid van artikel 231 van Pro het Wetboek van Strafrecht, te weten een rijbewijs op naam van [naam] door van dit rijbewijs gebruik te maken bij het afsluiten van een huurcontract voor en/of het huren van een personenauto (merk Ford Fiesta met kenteken [kenteken] );
parketnummer 02-083656-22:hij op of omstreeks 24 maart 2022 te Meteren, gemeente West Betuwe, althans in Nederland, een elektrische fiets (merk Gazelle type Vento C7 hmb), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 3] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen
subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden,
hij op of omstreeks 24 maart 2022 te Meteren, gemeente West Betuwe, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een elektrische fiets (merk Gazelle type Vento C7 hmb), althans een goed heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist(en) althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;
De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Ontvankelijkheid Openbaar Ministerie in strafvervolging ten aanzien van het onder parketnummer 02-064092-22 onder 1 tenlastegelegde
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk zal verklaren in de vervolging ten aanzien van opgemeld feit.
De raadsman heeft eveneens bepleit om het Openbaar Ministerie ter zake van opgemeld feit niet-ontvankelijk te verklaren en daartoe een beroep gedaan op strijd met het
ne bis in idem-beginsel. Hij heeft daartoe, verwijzend naar het door hem overgelegde arrest van het Hof van beroep te Antwerpen d.d. 8 januari 2025, aangevoerd dat de verdachte ter zake van onder meer genoemd feit onherroepelijk is veroordeeld en dat de aan de verdachte onder meer voor dit feit opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren volledig is uitgezeten.
Het hof stelt het volgende voorop.
Voor het antwoord op de vraag of sprake is van strijd met het zogenoemde 'ne bis in idem'-beginsel is het volgende artikel van belang:
Artikel 68 van Pro het Wetboek van Strafrecht:
'1. Behoudens de gevallen waarin rechterlijke uitspraken voor herziening vatbaar zijn, kan niemand andermaal worden vervolgd wegens een feit waarover te zijnen aanzien bij gewijsde van de rechter in Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba onherroepelijk is beslist.

2. Is het gewijsde afkomstig van een andere rechter, dan heeft tegen dezelfde persoon wegens hetzelfde feit geen vervolging plaats in geval van:

1°. vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging;
2°. veroordeling, indien een straf is opgelegd, gevolgd door gehele uitvoering, gratie of verjaring der straf.

3. Niemand kan worden vervolgd wegens een feit dat te zijnen aanzien in een vreemde staat onherroepelijk is afgedaan door de voldoening aan een voorwaarde, door de bevoegde autoriteit gesteld ter voorkoming van strafvervolging.'

Het hof overweegt als volgt.
De verdachte is bij voornoemd arrest van het Hof van beroep te Antwerpen onder meer veroordeeld voor de diefstal van een verwarmingsketel van het merk Vaillant, een schuif uit een keuken en twee handgrepen uit een keuken, ten nadele van [benadeelde 2] , tussen 11 oktober 2021 en 14 oktober 2021 te Essen (België). Het staat voor het hof, gezien de in het arrest genoemde pleegplaats en pleegdata, de genoemde benadeelde en de specificaties van de gestolen goederen, vast dat het feit waarvoor verdachte wordt vervolgd hetzelfde feit is als het feit waarvoor hij door het Hof van beroep te Antwerpen reeds is veroordeeld en de daarvoor opgelegde straf geheel is uitgevoerd. Een vervolging voor dat feit zou dan ook strijd opleveren met het ne bis in idem-beginsel, zoals neergelegd in artikel 68 lid 2 aanhef Pro en onder 2 van het Wetboek van Strafrecht.
Het hof zal het Openbaar Ministerie derhalve niet-ontvankelijk verklaren in de vervolging van het onder parketnummer 02-064092-22 onder 1 tenlastegelegde.
Vrijspraak
Het hof heeft uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat verdachte het in de zaak met parketnummer
02-083656-22 primair tenlastegelegde heeft begaan, nu het bewijs ervoor ontbreekt dat de verdachte enige wegnemingshandeling ten aanzien van de betreffende elektrische fiets heeft verricht.
Ook heeft het hof uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat verdachte het in de zaak met parketnummer
02-083656-22 subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, nu uit het dossier noch uit onderzoek ter terechtzitting blijkt dat verdachte enige wetenschap had van of enige beschikkingsmacht had over de betreffende elektrische fiets in de schuur van de woning waar hij logeerde.
De verdachte zal dan ook worden vrijgesproken van zowel het onder parketnummer 02-083656-22 primair als en subsidiair tenlastegelegde.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 02-183164-23 en in de zaak met parketnummer 02-064092-22 onder 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:
parketnummer 02-183164-23:hij op 23 juli 2023 te Roosendaal een bakfiets (van het merk Urban Arrow), die aan [benadeelde 1] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte dat weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking;
parketnummer 02-064092-22:2.
hij op 1 november 2021 te Oudenbosch, gemeente Halderberge, opzettelijk en wederrechtelijk gebruik heeft gemaakt van een niet op zijn naam gesteld identiteitsbewijs als bedoeld in het eerste lid van artikel 231 van Pro het Wetboek van Strafrecht, te weten een rijbewijs op naam van [naam] , door van dit rijbewijs gebruik te maken bij het afsluiten van een huurcontract voor het huren van een personenauto (merk Ford Fiesta met kenteken [kenteken] ).
Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.
Bewijsmiddelen
Indien tegen dit verkorte arrest beroep in cassatie wordt ingesteld, worden de door het hof gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het arrest. Deze aanvulling wordt dan aan dit arrest gehecht.
Bewijsoverwegingen
De beslissing dat het bewezenverklaarde door de verdachte is begaan, berust op de feiten en omstandigheden als vervat in de hierboven bedoelde bewijsmiddelen in onderlinge samenhang beschouwd.
Elk bewijsmiddel wordt - ook in zijn onderdelen - slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezenverklaarde feit, of die bewezenverklaarde feiten, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.
Ten aanzien van het onder parketnummer 02-183164-23 bewezenverklaarde overweegt het hof dat het verweer weerlegging vindt in de bewijsmiddelen en derhalve geen bespreking behoeft..
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het in de zaak met parketnummer 02-183164-23 bewezenverklaarde levert op:
diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking.
Het in de zaak met parketnummer 02-064092-22 onder 2 bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk en wederrechtelijk gebruik maken van een niet op zijn naam gesteld identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten. De feiten zijn strafbaar.
Strafbaarheid van de verdachte
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezenverklaarde.
Op te leggen sanctie
Naar het oordeel van het hof kan, gelet op de ernst van het bewezenverklaarde in de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in de hierop gestelde wettelijke strafmaxima en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd, niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming voor de hierna te vermelden duur met zich brengt.
Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan de diefstal van een fiets. Door aldus te handelen heeft de verdachte er blijk van gegeven geen respect te hebben voor het eigendomsrecht van een ander. Bovendien zijn diefstallen zeer ergerlijke feiten, die naast schade ook hinder en overlast veroorzaken voor de gedupeerden.
Tevens is ten laste van de verdachte bewezenverklaard dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan identiteitsfraude door een rijbewijs van een (inmiddels overleden) ander te gebruiken.
Door aldus te handelen heeft de verdachte het vertrouwen dat men in het maatschappelijk verkeer moet kunnen stellen in de juistheid van ter identificatie gebruikte ambtelijke stukken, zoals legitimatiebewijzen en reisdocumenten, geschonden. Dit betreft een ernstig feit.
Het hof rekent het de verdachte aan dat hij heeft gehandeld zoals bewezen is verklaard.
Daarbij heeft het hof tevens gelet op de omstandigheid dat de verdachte, blijkens het hem betreffende Uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 16 januari 2026, eerder ter zake vermogensdelicten onherroepelijk is veroordeeld.
De persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals die onder meer door hem ter terechtzitting in hoger beroep naar voren zijn gebracht, alsmede de gestelde ouderdom van de zaak, leiden - gelet op de ernst van de feiten - niet tot een ander oordeel.
Het hof zal, anders dan door de raadsman is bepleit, niet in strafmatigende zin rekening houden met de omstandigheid dat verdachte in België gedetineerd is geweest, nu die detentie betrekking had op andere door hem in Belgje gepleegde strafbare feiten.
Beslag
Van de in beslag genomen en nog niet terug gegeven bestelauto, merk Renault Kangoo, (parketnummer 02-083656-22) zal de teruggave aan de verdachte worden gelast.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1]
De benadeelde partij [benadeelde 1] heeft in eerste aanleg een vordering ingesteld, strekkende tot schadevergoeding tot een bedrag van € 153,99. Deze vordering is bij vonnis waarvan beroep toegewezen.
Het hof overweegt als volgt.
Het is het hof niet bekend of de medeverdachte [medeverdachte] – die naar het hof begrijpt is veroordeeld voor hetzelfde feit, maar dan gepleegd in vereniging, waarbij de vordering van de benadeelde partij hoofdelijk is toegewezen – de schade reeds heeft vergoed aan de benadeelde partij. Onderzoek daarnaar zou thans een onevenredige belasting van het strafgeding opleveren. De benadeelde partij kan daarom thans in de vordering niet worden ontvangen en kan de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De beslissing is gegrond op de artikelen 57, 63, 231 en 311 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart het Openbaar Ministerie ter zake van het in de zaak met parketnummer
02-064092-22 onder 1 tenlastegelegde niet-ontvankelijk in de vervolging.
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 02-083656-22 primair en subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 02-183164-23 en in de zaak met parketnummer 02-064092-22 onder 2 tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het in de zaak met parketnummer 02-183164-23 en in de zaak met parketnummer 02-064092-22 onder 2 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) maanden.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Gelast de
teruggaveaan de verdachte van het in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:
1 bestelauto, merk Renault Kangoo (parketnummer 02-083656-22)

Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1]

Verklaart de benadeelde partij [benadeelde 1] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding en bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
Veroordeelt de benadeelde partij in de door verdachte gemaakte kosten en begroot deze op nihil.
Aldus gewezen door:
mr. A.J.M. van Gink, voorzitter,
mr. R.A.T.M. Dekkers en mr. C.A. van Roosmalen, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. A.E.M. de Ridder, griffier,
en op 2 februari 2026 ter openbare terechtzitting uitgesproken.