Uitspraak
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met het procesdossier van de eerste aanleg en producties, ingekomen ter griffie op 5 juni 2025;
- het verweerschrift met producties en het proces-verbaal van de in eerste aanleg gehouden mondelinge behandeling, ingekomen ter griffie op 1 september 2025;
- de met een V6-formulier door [de werknemer] ingediende akte met producties 89 tot en met 92, ingekomen op 29 september 2025;
- de met een V6-formulier door de TU ingediende nadere producties 87 tot en met 89 met een begeleidende brief, ingekomen op 1 oktober 2025;
- een V8-formulier van [de werknemer] met een bezwaar tegen die begeleidende brief, ingekomen op 1 oktober 2025;
- een V8-formulier van de TU met het verzoek om voorbij te gaan aan het bezwaar van [de werknemer] , ingekomen op 1 oktober 2025;
- een V8-formulier van [de werknemer] met een handhaving van zijn bezwaar tegen de begeleidende brief, ingekomen op 2 oktober 2025;
- een V8-formulier van de TU met een reactie op de reactie van [de werknemer] , ingekomen op 2 oktober 2025;
3.De beoordeling
ik begin deze gang van zaken zeer vervelend en ongemakkelijk te vinden en het komt ook intimiderend op me over. Ik word al driekwart jaar achterna gezeten met onjuiste verwijten onvoldoende te functioneren en moet mijzelf al die tijd dus ook constant verdedigen. Mijn reputatie word ook nog in de etalage gezet. Eerst door mij rücksichtslos en zonder enige grond van het bacheloronderwijs te halen en recentelijk door met allerlei collega’s te spreken over hoe zij ‘de samenwerking met mij ervaren’, iets wat ik niet anders kan zien dan een zoektocht naar informatie die omgezet kan worden in kritiek op mijn functioneren.”. In een mail van 3 september 2021 schrijft [de werknemer] met zoveel woorden dat hij al eerder heeft laten weten dat hij een onveilige werksituatie ervaart omdat hij al bijna een jaar onder een vergrootglas ligt, terwijl de daarvoor gegeven redenen niet steekhoudend zijn, dat hij zich constant moet verdedigen tegen onjuiste of ongemotiveerde verwijten. In een brief van 14 januari 2022 heeft [de werknemer] opnieuw laten weten dat hij het constant bij collega’s opvragen van negatieve feedback als zeer onveilig ervaart. Hij heeft toen ook gerefereerd aan een mededeling van [A] in een e-mail van 27 juni 2021. [A] had in die e-mail geschreven: “
wanneer er werkelijk een juridisch conflict ontstaat is mijn ervaring met meerdere gevallen dat de hiërarchie in een organisatie het eindresultaat bepaalt. Wie er gelijk heeft beïnvloedt het resultaat niet.” In een brief van 7 februari 2022 heeft [de werknemer] nogmaals gevraagd om te horen wat de echte reden is waarom het bestuur zo sterk de pijlen op hem heeft gericht en dat [A] hem meermaals heeft bevestigd dat het FB met haar handelwijze een onveilige werksituatie heeft gecreëerd. In die brief heeft [de werknemer] ook aangegeven dat [A] een dubbele pet op heeft als enerzijds vice-decaan en anderzijds als zijn leidinggevende en dat [A] mede aan de basis staat van de onveilige werksituatie.
(… ) definitie van wat sociale onveiligheid is? Je stuurt iemand brieven zonder grond, houdt jaren vast aan de inhoud daarvan (terwijl je wist of behoorde te weten dat die niet klopte) en denkt er vervolgens vanaf te kunnen komen door die brieven simpelweg in te trekken als je je gelijk niet krijgt. (…) [A] mijn vakgroepsvoorzitter is en hij zelf erkend heeft dat hij een onveilige werksituatie heeft veroorzaakt. (…) dat ik niet over de positie van de vakgroepsvoorzitter kan praten omdat ik mijn zaak niet wil schaden. Jij meende echter toch een vergadering te kunnen beleggen waarbij ik wel aanwezig was, maar waar ik niet aan kon deelnemen noch betrokken werd zoals jij zelf aan mij meldde. Dat betekende dat ik door jouw handelen wederom in een sociaal onveilige situatie werd gebracht omdat a) ik niet aan het gesprek kon deelnemen b) ik door jou in een negatief daglicht werd neergezet richting mijn collega’s en c) omdat ik belemmerd word om zelf voorzitter te zijn (…).”
(…) In het gesprek dat op de mailwisseling volgde (…) heb ik andermaal aan je uitgelegd en met je besproken dat je wijze van optreden niet kan, dat het directief en intimiderend is, niet effectief en niet helpend voor de situatie waarin we zitten en dat je hiermee alleen maar de onveilige situatie voor betrokkene vergroot en verlengt.
“(…) Zonder mijn reactie af te wachten heb je gemeend zonder overleg een brief te moeten sturen aan de voorzitter van het CvB. (…) Los van de onjuistheid beschadig je mij hiermee persoonlijk en plaats je mij in een kwaad daglicht. Ik accepteer dit niet en verwacht van je dit te corrigeren. (…) Ik kan niet anders dan vaststellen dat jij, samen met de Ombudsman, de spelregels eenzijdig hebt veranderd. (…) Jouw houding en opstelling wekken de indruk dat maar één oplossing voor jou acceptabel is (…) Het moet op jouw manier binnen jouw termijnen. Je dreigt zelfs met allerlei acties. (…) Ik ervaar dat als chantage (…) De toon van je communicatie is dwingend, beschuldigend en bedreigend geweest (…)”
(…) Ondertussen wil men binnen [D] spreken over de toekomst van de groep waar ik ook onderdeel van uitmaak. Er wordt heel hard geduwd op het hebben van een gesprek over die toekomst, terwijl ik meermaals heb gezegd (en dit wordt ook door [A] en jou onderschreven) dat je eigenlijk niet over die toekomst kunt spreken zolang mijn onveilige werksituatie niet is opgelost. Die onveilige werksituatie wordt namelijk mede veroorzaakt door de personen die in die groep zitten. Ik heb daarom ook vaker gezegd dat ik niet mee kan doen aan gesprekken over wie de voorzitter van de groep zou worden of wat de toekomst in kan houden totdat mijn situatie is opgelost. Tot mijn stomme verbazing is de meeste recente stand van zaken dat de groep en jij (het bestuur) door willen praten over de toekomst zonder mij. Er wordt door onder andere [E] – die mede debet is aan de onveilige werksituatie – zelfs binnen de groep verkondigd dat ze ‘dan maar zonder mij’ over de toekomst van de groep gaan praten met het bestuur. Je sorteert daar ook op voor in de email die je op 25 april 2023 stuurt en op 27 april (Koningsdag) stuurt. Dus jullie willen zonder mij praten over de toekomst van de groep waar ik wel onderdeel van uitmaak. Dat maakt de onveilige werksituatie allen maar erger! Wat wil je nu eigenlijk dat ik doe? Spreken over de toekomst van de groep [D] terwijl ik in een onveilige werksituatie verkeer met mensen die onderdeel uitmaken van die groep? Je bent toch met me eens dat dat niet gaat? (…)”.
(…) wat zou er nu gemediate moeten worden? Ik ervaar momenteel geen conflict met [E] / [F] en ik kan prima samenwerken met ze (we hebben samen de nodige wetenschappelijke projecten en publicaties). Ik heb het even bij hen nagevraagd en zij zeggen exact hetzelfde. Ofwel samenwerken als professionals staat los van een onveilige werkomgeving (het persoonlijke van het zakelijke onderscheiden is daar ook een goed voorbeeld van, maar ik geeft toe dat dat niet aan iedereen gegeven: je moet professioneel zijn).”.Deze (ogenschijnlijke) tegenstrijdigheid heeft [de werknemer] echter klaarblijkelijk niet belemmerd in zijn functioneren. Hij heeft geprobeerd de wetenschappelijke werkzaamheden te scheiden van het persoonlijke en lijkt daarin geslaagd. Tijdens de mondelinge behandeling heeft hij hierover verklaard dat hij een ‘modus’ heeft gevonden om met de andere leden van de vakgroep [D] samen te werken. [F] heeft in een e-mail aan [de werknemer] laten weten dat hij zich niet bewust is van een conflict tussen hen. Hetzelfde geldt voor [G] . [E] heeft niet gereageerd op die vraag, maar dat wil niet zeggen dat hij niet op een professionele wijze met [de werknemer] kan samenwerken. [de werknemer] heeft tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat hij met deze collega’s heeft gesproken over zijn wrevel dat [E] en [F] over hem hadden gesproken met het bestuur zonder hem daarover in te lichten. [de werknemer] is dus in staat geweest om dit (in ieder geval werkbaar) op te lossen met zijn collega’s.
- griffierechten € 362,00
- salaris advocaat € 2.580,00 (2 punten x tarief II)
- nakosten € 189,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)