Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde sub 1] ,wonende te [vestigingsplaats] ,
[geïntimeerde sub 2] ,wonende te [vestigingsplaats] ,
[geïntimeerde sub 3] , voor zichzelf en in hoedanigheid van erfgenaam van [persoon A] ,wonende te [vestigingsplaats] ,
5.Het geding in hoger beroep
- het tussenarrest en de daarin genoemde stukken;
- de memorie van antwoord in incidenteel appel.
6.De verdere beoordeling
Introductie
Kosten:
1. Algemene informatie
De Personal Portfolio Policy kan Irish Life International’s reeks van interne fondsen bevatten, plus externe UCITS, mutual funds, OEICS en andere collectieve beleggingen alsmede effecten & aandelen die zijn genoteerd aan een erkende beurs plus overheids- en bedrijfsobligaties.
- de PPP niet geschikt is voor consumenten,
- zo is opgezet dat fondsen voor professionele beleggers via het verzekeringskanaal kunnen worden afgezet aan doorsnee consumenten en dat hiermee strengere regelgeving wordt omzeild,
- de productkennis bij de adviseurs tekort schiet,
- enkele beleggingsfondsen gevestigd zijn op de Kaaimaneilanden, waar het toezicht niet als adequaat wordt beschouwd, waardoor vaak te weinig informatie over de productkenmerken publiekelijk beschikbaar is die voor een doorsnee consument begrijpelijk is,
- de advisering onvoldoende zorgvuldig is,
- de informatieverstrekking over de PPP geen volledig beeld geeft van de risico’s van de fondsen in de PPP, en
- ontvangen provisie van SEB Life niet passend is.
Volgens ons hoeft u momenteel niets te doen, we bevelen u aan dit belang met uw verzekeringstussenpersoon of uw beleggingsadviseur te belichten.
primair: te verklaren voor recht dat de PPP’s neergelegd in de overeenkomsten tussen [geïntimeerden] en SEB met polisnummer [++] ten name van [geïntimeerde sub 1] en
subsidiair: de PPP’s neergelegd in de overeenkomsten tussen eisers en SEB Life met polisnummer [++] ten name van [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] en met polisnummer [--] ten name van [geïntimeerde sub 3] en [persoon A] op 21 oktober 2016 te vernietigen op grond van dwaling dan wel bedrog per de datum van de inleidende dagvaarding, althans per een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum;
“Optionele overlijdensdekking”hebben ingevuld dat zij kiezen voor de optie waarbij als overlijdensuitkering (naast de afkoopwaarde) 10% van het belegde bedrag (het premiebedrag) wordt betaald bij overlijden. Ook hebben zij op de formulieren de hoogte van de premiebedragen aangegeven en hun keuze van de activa (zie ook onder 3.11. en 3.12. in het eerste vonnis). SEB Life heeft met de premiebedragen van [geïntimeerden] op eigen naam belegd in bepaalde fondsen en daarvan deelbewijzen aan de polissen van [geïntimeerden] toegekend.
beleggingsproducten, niet van toepassing zijn.
.Zie HR 28 juni 2019, ECLI:NL:HR:2019:1046, onder 3.5.2-3.5.4 en HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2815, onder 4.4.4 en 4.4.5.
- het de verzekeringnemers ( [geïntimeerden] ) waren, die samen met hun adviseur (in dit geval [A] ) zelf de keuze maakten voor de samenstelling van de beleggingsportefeuille, volgens de door de verzekeringnemer en de adviseur vastgelegde beleggingsdoelstelling,
- hen werd aangeraden alle documentatie en meer in het bijzonder polisvoorwaarden, brochure, en andere vooraf verstrekte informatie zorgvuldig te bestuderen om er zeker van te zijn dat het product aan hun specifieke beleggingsdoelstellingen zou voldoen,
- SEB hen geen beleggingsadvies zou verstrekken,
- SEB evenmin een beoordeling zou geven over de geschiktheid (behalve zoals vereist door de Ierse verzekeringswetgeving over de toelaatbaarheid van de activa) van de afzonderlijke activa die door de bewuste beleggingsfondsen werden gehouden,
- zij aan het einde van elk kwartaal een officieel waarderingsrapport konden inzien met een gedetailleerd overzicht van de waarde en het aantal participaties in de PPP,
- SEB geen aansprakelijkheid aanvaardde voor het rendement of de prestaties van de fondsen waarin [geïntimeerden] zouden gaan beleggen,
- er een (vrij groot tot groot) risico bestond dat verzekeringnemers met een PPP hun inleg kwijt kunnen raken.
- de productbrochure, technische bijlage en financiële bijsluiter hebben ontvangen en gelezen,
- de kenmerken en de werking van de PPP begrepen, en
- alle risico’s begrepen en aanvaardden.
“(…) Ik heb eisers duidelijk uitgelegd wat de fondsen inhoudelijk inhielden althans ik heb de kenmerken van de fondsen genoemd. Zo heb ik verteld dat het Cubex fonds investeerde in goud. Misschien dat eisers zich dat kunnen herinneren.(…)”. Blijkens het proces-verbaal van die zitting hebben [geïntimeerden] toen verklaard dat zij zich dat inderdaad kunnen herinneren. Het had in dit licht van [geïntimeerden] verwacht mogen worden dat zij hierover vragen zouden hebben gesteld indien voor hen onduidelijk was of zij de genoemde documentatie wel hadden ontvangen en of de geselecteerde fondsen wel geschikt waren voor hun.
voorafgaandaan het door [geïntimeerden] aangaan van de PPP. [geïntimeerden] hebben geen incidenteel hoger beroep ingesteld tegen de afwijzing van hun vordering voor zover deze inhield dat SEB tijdens de looptijd van de PPP haar informatie- en waarschuwingsplicht heeft geschonden.
“het informatiemateriaal van de fondsen loog er niet om”.
“Nederlandse polishouders op relatief grote schaal niet-standaard beleggingsfondsen hebben ondergebracht in hun PPP’s”. Verder stelt zij in diezelfde alinea dat zij niet verantwoordelijk is voor
“de massale keuze voor niet-standaard beleggingsfondsen door Nederlandse polishouders (…)”.
The current status/progress of ILI and Sparenisleuker.nl(…)
The contract I sent you regarding the data transfer of personal (financial)information (…)
The Axiom fund: the value should be 103,98 why is this latest price not used in the ILIextranet?
The Cubex fund: the investment is settled, but where is the money? (…)
- de informatie vanuit [persoon B] en [persoon E] aan [persoon C] specifiek en concreet is,
- [persoon C] meerdere malen naar Nederland is gekomen om onder andere met [persoon B] en [persoon E] te spreken,
- [persoon B] [persoon C] laat weten dat hij van plan is de PPP als ‘wrapper’ te gaan gebruiken om bepaalde specifieke alternatieve beleggingsinstellingen te gaan distribueren,
- [persoon B] eerst drie fondsen noemt en later vijf (waaronder drie fondsen die ook door [geïntimeerden] aan hun PPP zijn gekoppeld: Argyle, Axiom en Cubex),
- voor alle in de mailwisseling genoemde fondsen een Verklaring van goed begrip (Statement of understanding, SOU) nodig is,
- enkele fondsen al goedgekeurd zijn door SEB, en [persoon C] van andere fondsen om een prospectus vraagt (bijvoorbeeld van Axiom),
- [persoon B] [persoon C] meedeelt dat bijna alle cliënten van [persoon B] en [persoon E] in Cubex beleggen,
- [persoon C] aan [persoon B] schrijft dat Cubex een heel ongebruikelijk fonds is waarvan de prijsbepaling moeilijk is,
- [persoon B] duidelijk maakt dat het heel voorspoedig gaat (
- [persoon C] de gang van zaken kennelijk goedkeurt en hoopt op een sterke toename (
“de brief van 10 december 2010 (…), waarin wij onze zorgen hebben geuit met betrekking tot zorgvuldige advisering, transparante informatieverstrekking en de naleving van wettelijke normen ten aanzien van de PPP(…)”.
- de dingen die SEB niet deed (zoals adviseren),
- de zaken waarvoor SEB niet aansprakelijk was (zoals prestaties van de fondsen), en
- de zaken waar [geïntimeerden] zelf verantwoordelijk voor zouden zijn (keuze beleggingen).
- wetenschap had van de eenzijdige risicovolle wijze waarop de PPP in Nederland op grote schaal gevuld werd,
- [A] als tussenpersoon contracteerde, die door [persoon B] was aangebracht, en
- accepteerde dat [geïntimeerden] via [A] de PPP op die risicovolle wijze sloten.
- haar hierboven behandelde informatie- en waarschuwingsplicht heeft geschonden, en
- heeft gefaciliteerd dat [geïntimeerden] op eenzijdige wijze hebben belegd in de zeer risicovolle alternatieve belegginginstellingen,
- de fondsen waarin [geïntimeerden] (evenals vele andere Nederlandse verzekeringnemers van SEB) gingen beleggen, normaliter niet voor particulieren beschikbaar waren onder meer vanwege de aan die fondsen verbonden risico’s,
- de inleg van [geïntimeerden] afkomstig was van spaargeld, en
- dat [geïntimeerden] binnen een afzienbare periode van minder dan tien jaren de pensioengerechtigde leeftijd zouden bereiken (en de gelden dan mogelijk voor pensioendoelstellingen wilden/moesten gaan aanwenden).
- de leeftijd van [geïntimeerden] ten tijde van de totstandkoming van de overeenkomsten,
- dat [geïntimeerden] geen relevante kennis over en ervaring met beleggen hadden en geen
- dat [geïntimeerden] op zoek waren naar een beter rendement op hun spaargeld dan zij zouden krijgen op een reguliere spaarrekening,
- dat [geïntimeerden] iets meer te besteden wilden hebben tijdens hun pensioen,
- dat [geïntimeerden] zich lieten bijstaan door tussenpersoon [A] en zijn adviezen om te komen tot genoemd beter rendement opvolgden,
- dat [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] een bedrag van € 70.000,00 wensten te beleggen:
- Griffierecht € 1.565,--
- Kosten deurwaarder € 105,61
- Salaris advocaat € 3.588,-- (6 punten x tarief II van € 598,--)
- Getuigentaxe € 30,--