Uitspraak
Halmstad,
Zweden, eischeres tot cassatie van een vonnis, op 12 November 1935 door de Arrondissements-Rechtbank te ‘s-Gravenhage in hooger beroep tusschen partijen gewezen, vertegenwoordigd door Mr. J.W. Dekker, advocaat bij den Hoogen Raad;
Bergernamens den Procureur-Generaal in zijne conclusie, strekkende tot verwerping van het beroep met veroordeeling van eischeres tot cassatie in de daarop gevallen kosten;
in conventiede Halda tot bewijs door getuigen van de door haar gestelde feiten heeft toegelaten, daarbij overwegende, dat hij met genoemd stuk, als zijnde niet gezegeld, geen rekening houden mocht, en
in reconventiede vordering heeft toegewezen, waarbij hij, na te hebben vastgesteld dat de Halda heeft erkend, dat zij verplicht was een taxameter te leveren, afgesteld op de tarieven van 6, 8 en 12 cent de K.M., heeft overwogen, als in het 1ste middel is aangehaald;