ECLI:NL:HR:1966:AC4636
Hoge Raad
- Cassatie
- de Jong
- Wiarda
- Hülsmann
- Petit
- Beekhuis
- Rechtspraak.nl
Geldigheid schenking van roerende zaken bij gemeenschappelijke huishouding zonder notariële akte
In deze zaak stond de rechtsgeldigheid van een schenking van roerende goederen centraal, waarbij de schenker en begiftigde samenwoonden zonder gehuwd te zijn. De eiseres betwistte dat de schenking rechtsgeldig was, omdat geen notariële akte was opgemaakt en geen feitelijke overdracht van de goederen had plaatsgevonden.
De rechtbank en het hof stelden vast dat de begiftigde daadwerkelijk in de woning had gewoond en dat de schenker in duidelijke bewoordingen de schenking had gedaan, welke door de begiftigde was aanvaard. Getuigenverklaringen ondersteunden deze feiten. De Hoge Raad oordeelde dat in het geval van een gemeenschappelijke huishouding waarbij de goederen zich in de gezamenlijke woning bevinden en mede worden gebruikt, een schenking van hand tot hand rechtsgeldig kan plaatsvinden door louter de wilsverklaringen van schenker en begiftigde, ook als de schenker het medegebruik behoudt.
De Hoge Raad verwierp het beroep van de eiseres en bevestigde dat de schenking geldig was, ook zonder notariële akte en zonder dat de feitelijke macht volledig overging, omdat het medegebruik door de schenker bleef bestaan. De uitspraak benadrukt de bijzondere regeling voor schenking binnen gemeenschappelijke huishoudens en verduidelijkt de toepassing van artikel 1724 BW Pro.
De Hoge Raad veroordeelde de eiseres in de kosten van het cassatieberoep en verwees het geding terug naar het hof voor verdere afhandeling van de zaak.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de geldigheid van de schenking van roerende goederen binnen een gemeenschappelijke huishouding zonder notariële akte.