Uitspraak
f131,50 per 1000 stuks
f144 per 1000 stuks
f146,-- per 1000 stuks
Hoge Raad
In deze zaak staat centraal of het eigendomsrecht van de leverancier van bouwmaterialen, die een eigendomsvoorbehoud hanteert, prevaleert boven het eigendomsrecht van de opdrachtgever krachtens paragraaf 43 van de Algemene Voorschriften voor de uitvoering van werken. De leverancier had stenen en klinkers onder eigendomsvoorbehoud geleverd aan een aannemer, die deze materialen op een bouwplaats had aangevoerd. De aannemer ging failliet voordat de materialen waren betaald.
Het hof had geoordeeld dat de aannemer wel houder maar niet bezitter was van de materialen en dat de opdrachtgever het bezit niet constituto possessorio had verkregen. De opdrachtgever had echter na het vertrek van de aannemer feitelijk de macht over de bouwmaterialen verkregen. Het hof wees de vordering van de leverancier toe.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof het recht heeft geschonden door niet te beslissen over het verweer dat de aannemer de materialen overeenkomstig zijn normale bedrijf aan de opdrachtgever kon overdragen. Ook is onvoldoende gemotiveerd waarom de feitelijke machtsoverdracht niet tot bezitsoverdracht zou leiden. De zaak wordt vernietigd en terugverwezen voor nader onderzoek, met name naar de goede trouw van de opdrachtgever bij de bezitsoverdracht.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nader onderzoek en beslissing.