Uitspraak
bRv. te voldoen aan de griffier;
bRv. te voldoen aan de griffier;
8 december 1989.
Hoge Raad
Op 22 september 1979 raakte een 10-jarig kind ernstig gewond bij een ongeval met een doorloopmelkwagen, waarbij een onbeschermd mechanisme betrokken was. De bestuurder van de tractor met aanhangwagen, eiser, werd aansprakelijk gesteld wegens onzorgvuldig handelen door het in werking stellen van een niet volledig beveiligd mechanisme.
Het Hof van Leeuwarden oordeelde dat zowel de onzorgvuldigheid van eiser als de handelwijze van het kind ieder voor de helft hebben bijgedragen aan het ongeval, waardoor het kind de helft van de schade zelf moest dragen. De Hoge Raad vernietigde dit oordeel deels omdat het Hof onvoldoende rekening had gehouden met de ernst van de fouten en de beperkte gevarenkennis van het kind.
De Hoge Raad benadrukte dat bij kinderen van die leeftijd minder inzicht en vermogen tot voorzichtigheid verwacht mag worden, en dat de billijkheid in beginsel vereist dat de schade ten laste komt van degene die het gevaar in het leven heeft geroepen. De zaak werd terugverwezen voor nadere beoordeling van de schadeverdeling in het licht van deze overwegingen.
Daarnaast werden diverse klachten over het bewijs en de procesgang verworpen. De Hoge Raad bepaalde ook de proceskosten en verwees de zaak naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling en beslissing.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt delen van Hof-arrest en verwijst zaak terug voor nadere beoordeling van schadeverdeling waarbij eigen schuld kind wordt meegewogen.