ECLI:NL:HR:1992:AA3047
Hoge Raad
- Cassatie
- Van der Linde
- Bellaart
- C.H.M. Jansen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak over naheffingsaanslag omzetbelasting en verwijst terug naar Hof
Belanghebbende, een vennootschap onder firma, kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor de periode van 5 juli 1988 tot en met 31 mei 1989, bestaande uit een belastingbedrag en een verhoging van elk ƒ 97.280,--. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag en weigerde kwijtschelding van de verhoging. Het Hof Amsterdam bevestigde de aanslag, vernietigde het besluit tot weigering van kwijtschelding en verleende volledige kwijtschelding van de verhoging.
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het Hofarrest. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte bewijsstukken (proces-verbaal met ontvangstlijsten en bonnetjes) pas ter zitting had overgelegd zonder belanghebbende de gelegenheid te geven zich hierover te beraden. Volgens vaste jurisprudentie had het Hof de behandeling moeten schorsen of moeten nagaan of belanghebbende geen behoefte had aan schorsing.
Omdat het Hof niet had voldaan aan deze procedurele vereisten, kon het arrest niet in stand blijven. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling en beoordeling, met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd belanghebbende het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.