ECLI:NL:HR:1994:AA2945
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verrekening investeringsbijdragen voor aankoop waterplas
X B.V. heeft in het boekjaar 1986/1987 een waterplas met oevers gekocht en verzocht om verrekening van investeringsbijdragen op grond van artikel 23b, lid 2, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. De Inspecteur wees dit verzoek af, en na bezwaar handhaafde hij deze afwijzing. Het Gerechtshof te Leeuwarden bevestigde deze beslissing in hoger beroep.
X B.V. stelde beroep in cassatie in bij de Hoge Raad, stellende dat de investering anders moest worden behandeld. De Hoge Raad overwoog dat de investering moet worden aangemerkt als investering in gronden zoals bedoeld in artikel 61a, lid 5, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964, en verwierp het cassatieberoep.
De Hoge Raad achtte geen gronden aanwezig voor een veroordeling in proceskosten en wees het beroep af. Hiermee blijft de afwijzing van de verrekening van investeringsbijdragen in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van X B.V. wordt verworpen en de afwijzing van de verrekening van investeringsbijdragen wordt bevestigd.