ECLI:NL:HR:1994:AA2966
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Wildeboer
- Urlings
- Zuurmond
- Herrmann
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake onroerendezaakbelastingen kantoorpanden gemeente Amsterdam
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1988 gecombineerde aanslagen onroerendezaakbelastingen opgelegd voor twee kantoorpanden in Amsterdam, waarvan zij eigenaar was van het ene en huurder van het andere. Na bezwaar werden de aanslagen verminderd, maar belanghebbende ging in beroep bij het Hof Amsterdam, dat de aanslagen en de uitspraak van de inspecteur vernietigde.
De Directeur der Gemeentebelastingen stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Hof. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte had geoordeeld dat de tabel van vermenigvuldigingscijfers voor niet-woningen, waaronder kantoorpanden, onverbindend was voor een te brede groep onroerende zaken. Volgens de Hoge Raad moet onverbindendheid betrekking hebben op een bepaalde en beperkte groep vergelijkbare onroerende zaken.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof, met uitzondering van de beslissing over het griffierecht, en verwees de zaak naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling in meervoudige kamer, met inachtneming van de motivering in dit arrest.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het Hof 's-Gravenhage voor verdere behandeling.