Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:1995:AA1507

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 november 1995
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
30813
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • Herrmann
  • C.H.M. Jansen
  • Fleers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 101a Wet op de rechterlijke organisatieArt. 5a Wet administratieve rechtspraak belastingzakenGemeentewet 276a (oud)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt naheffingsaanslag parkeerbelasting gemeente Zandvoort

Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door de gemeente Zandvoort voor parkeren op 18 november 1992. Na bezwaar handhaafden Burgemeester en Wethouders de aanslag. Belanghebbende ging in beroep bij het gerechtshof Amsterdam, dat het besluit bevestigde.

Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad tegen de uitspraak van het hof. De klacht in het cassatieberoep werd echter niet ontvankelijk verklaard, omdat deze geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatte.

De Hoge Raad wees het beroep af en bepaalde dat het gestorte bedrag voor de vervanging van de mondelinge uitspraak bij het hof aan belanghebbende wordt terugbetaald. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Deze uitspraak bevestigt de rechtmatigheid van de naheffingsaanslag en onderstreept de beperkte toetsingsmogelijkheden van de Hoge Raad in belastingzaken zonder relevante rechtsvragen.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het gestorte bedrag voor vervanging van de mondelinge uitspraak wordt terugbetaald.

Uitspraak

gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 27 september 1994 betreffende na te melden aan haar opgelegde naheffingsaanslag parkeerbelasting.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof Aan belanghebbende is ter zake van het parkeren op 18 november 1992 een naheffingsaanslag in de parkeerbelasting van de gemeente Zandvoort opgelegd ten bedrage van f 67,-- bestaande uit f 2,-- aan enkelvoudige belasting en f 65,-- aan kosten. De aanslag is, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Zandvoort gehandhaafd. Belanghebbende is van de uitspraak van Burgemeester en Wethouders in beroep gekomen bij het Hof. Het Hof heeft die uitspraak bevestigd.
2. Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld en daarbij een klacht aangevoerd. Burgemeester en Wethouders hebben afgezien van het indienen van een vertoogschrift.
3. Beoordeling van de klacht De klacht kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klacht niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
5. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep en bepaalt dat door de griffier van de Hoge Raad aan belanghebbende wordt terugbetaald het ter zake van de vervanging van de mondelinge uitspraak bij het Hof gestorte bedrag van f 150,--.
Dit arrest is op 8 november 1995 vastgesteld door de raadsheer Herrmann als voorzitter, en de raadsheren C.H.M. Jansen en Fleers, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Reijngoud en op die datum in het openbaar uitgesproken.