ECLI:NL:HR:1995:AA1538
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- De Moor
- C.H.M. Jansen
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Rente op rekening-courant bij maatschap behoort tot winst uit onderneming
Belanghebbende, vennoot in een maatschap van accountants en belastingadviseurs, kreeg voor 1988 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van ƒ 216.526,--. Tegen deze aanslag en het daaropvolgende bezwaar werd beroep ingesteld bij het Hof, dat de aanslag bevestigde.
In cassatie stelde belanghebbende dat de rente op zijn rekening-couranttegoed bij de maatschap als inkomsten uit vermogen moest worden aangemerkt, waardoor hij recht had op rentevrijstelling volgens artikel 47a Wet inkomstenbelasting 1964. De Inspecteur rekende deze rente echter tot de winst uit onderneming.
Het Hof stelde vast dat de rekening-courantbedragen van de vennoten een essentiële functie vervullen in de bedrijfsuitoefening van de maatschap en dat deze bedragen verplicht ondernemingsvermogen zijn, omdat zij het maatschapsbelang dienen. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af, waarmee de rente tot de winst uit onderneming wordt gerekend.
De Hoge Raad acht geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en bevestigt het arrest van het Hof.
Uitkomst: De rente op het rekening-couranttegoed bij de maatschap behoort tot de winst uit onderneming en niet tot inkomsten uit vermogen.