ECLI:NL:HR:1995:AA1586
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- De Moor
- Van der Putt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging hofuitspraak en verwijzing inzake naheffingsaanslag omzetbelasting door gebrekkige bewijsvoering administratie
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over het tweede halfjaar 1987, die na bezwaar door de inspecteur werd gehandhaafd. Het Gerechtshof vernietigde deze uitspraak en verminderde de aanslag. Belanghebbende stelde in cassatie dat het hof ten onrechte had aangenomen dat zijn administratie gebreken vertoonde.
Het hof had vastgesteld dat de administratie van belanghebbende onder meer geen kasboek bevatte, slechts een schrift met dertig geboekte auto's, veel kostennota's niet waren verwerkt en slechts vijftien van negentig te koop aangeboden auto's in de administratie terug te vinden waren. Op basis hiervan paste het hof een sanctie toe volgens de Wet op de omzetbelasting 1968.
De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof onbegrijpelijk had geoordeeld dat belanghebbende deze gebreken niet of onvoldoende had weersproken. Belanghebbende had juist ontkend en aangeboden zijn administratie ter inzage te geven. De inspecteur had onvoldoende bewijs geleverd voor de gestelde gebreken. Hierdoor ontbrak een grondslag voor het sanctie-oordeel van het hof.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing, met inachtneming van dit arrest. Tevens werd belanghebbende het griffierecht vergoed en kreeg hij gelegenheid zich uit te laten over proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak wegens onvoldoende bewijs gebreken administratie en verwijst zaak terug voor nieuwe behandeling.