ECLI:NL:HR:1995:AA1677
Hoge Raad
- Cassatie
- Van der Linde
- Bellaart
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt handhaving aanslag inkomstenbelasting 1990 na beroep
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1990 een aanslag in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd met een belastbaar inkomen van ƒ 127.810,--. Tegen deze aanslag kwam belanghebbende, met toestemming van de inspecteur, rechtstreeks in beroep bij het Gerechtshof Amsterdam. Het hof handhaafde de aanslag.
Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad en voerde enkele klachten aan tegen de uitspraak van het hof. De Staatssecretaris van Financiën bestreed het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat er geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af, omdat daarvoor geen gronden aanwezig waren volgens de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken. Het arrest werd op 29 maart 1995 vastgesteld en in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Van der Linde (voorzitter), Bellaart en Van der Putt-Lauwers.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de aanslag inkomstenbelasting 1990 blijft gehandhaafd.