ECLI:NL:HR:1995:AA1691
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing aftrek voorbelasting aanleg tunnels gemeente Etten-Leur
De gemeente Etten-Leur kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de jaren 1983 tot en met 1986. De Inspecteur had een bedrag van ƒ149.700,-- als ten onrechte in aftrek gebrachte voorbelasting wegens aanleg van tunnels opgenomen. De gemeente bracht bezwaar in, waarna de aanslag werd verminderd tot ƒ235.278,-- zonder verhoging. Vervolgens kwam de gemeente in beroep bij het hof, dat de aanslag verder verminderde tot ƒ161.571,--.
De discussie draaide om de vraag of de aanleg van fiets- en voetgangerstunnels onder Rijksweg 58, nabij de wijk de Grauwe Polder, kon worden aangemerkt als een bovenwijkse voorziening die aftrekbare voorbelasting oplevert op grond van de Resolutie van 6 augustus 1980. Het hof oordeelde dat de tunnels primair zijn aangelegd uit oogpunt van verkeersveiligheid en van algemene betekenis zijn, niet specifiek ten behoeve van de Grauwe Polder.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en stelde dat de tunnels niet in het verlengde liggen van voorzieningen die uitsluitend voor de Grauwe Polder bestemd zijn. Daarmee is de aftrek van voorbelasting op de aanlegkosten niet gerechtvaardigd. Het cassatieberoep werd verworpen en er werden geen proceskosten aan de gemeente opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de aanleg van de tunnels geen aftrekbare voorbelasting oplevert.