ECLI:NL:HR:1995:AA3128
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- De Moor
- C.H.M. Jansen
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt recht op aftrek omzetbelasting over EG-prijssubsidie voor zaaizaadproductie
De zaak betreft een fiscale eenheid die handelt in en kweekt zaaizaden en een geschil over de omzetbelasting over mei 1992. De belanghebbende had een bedrag aan omzetbelasting voldaan en verzocht om verrekening van btw over een EG-subsidie die aan telers werd toegekend voor de productie van zaaizaad. Het hof verwierp dit beroep omdat het oordeelde dat de subsidie niet rechtstreeks verband hield met de levering van het zaad, maar met de productie.
De Hoge Raad analyseerde de Europese verordeningen die de subsidieregeling regelen en concludeerde dat de subsidie wel degelijk een prijssubsidie is die een rechtstreeks verband heeft met de levering van het geproduceerde zaaizaad. De subsidie wordt toegekend aan telers op basis van vermeerderingscontracten met de handelaar/kweker, wat een noodzakelijke voorwaarde is voor de subsidie.
De Hoge Raad vernietigde het hofvonnis en stelde het door belanghebbende verschuldigde bedrag aan omzetbelasting vast op ƒ 106.321,94. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De uitspraak bevestigt dat de EG-subsidie en de daarop berekende btw terecht op de factuur zijn vermeld en recht geven op aftrek als voorbelasting.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofvonnis en stelt het verschuldigde bedrag aan omzetbelasting vast op ƒ 106.321,94.