ECLI:NL:HR:1996:AA1712
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing fusiefaciliteit bij aandelenruil ondanks afrondingscreditering
Belanghebbende en zijn echtgenote bezaten alle aandelen in twee besloten vennootschappen, B B.V. en C B.V. Zij verzochten om toepassing van de fusiefaciliteit op grond van artikel 40 van Pro de Wet op de inkomstenbelasting 1964 bij een aandelenruil die de ondernemingen van deze vennootschappen duurzaam samenbracht.
De Inspecteur erkende aanvankelijk de fusie, maar weigerde later de fusiefaciliteit toe te passen op de ruilverhouding en de toegekende afrondingscreditering. Het Gerechtshof Arnhem vernietigde de aanslag en paste de fusiefaciliteit toe, waarbij het de aanslag aanzienlijk verminderde.
De Staatssecretaris stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak. De Hoge Raad oordeelde dat de Inspecteur gebonden is aan zijn eerdere beslissing dat sprake is van een fusie in de zin van artikel 40 en Pro dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de afrondingscreditering niet in het kader van de fusie is toegekend. Het cassatieberoep werd verworpen en de Staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de toepassing van de fusiefaciliteit bij de aandelenruil.