ECLI:NL:HR:1996:AA1733
Hoge Raad
- Cassatie
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt naheffingsaanslag belasting personenauto na wijziging inrichting bestelauto
Belanghebbende, een vennootschap onder firma, had in 1992 een bestelauto met dubbele cabine aangeschaft en geregistreerd als bedrijfsvoertuig. Later in 1992 werd de inrichting gewijzigd waardoor de cabine werd vergroot. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op omdat de auto volgens hem niet voldeed aan de wettelijke eisen voor een bedrijfsvoertuig en derhalve als personenauto moest worden belast.
Het Gerechtshof Arnhem vernietigde het besluit tot naheffing van de verhoging, maar handhaafde de aanslag voor de enkelvoudige belasting. Belanghebbende stelde cassatieberoep in bij de Hoge Raad tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad oordeelde dat, ook indien de auto na de wijziging als personenauto moet worden aangemerkt, geen feiten zijn vastgesteld die na de inwerkingtreding van de Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen per 1 januari 1993 aanleiding geven tot belastingheffing. Er was geen registratie als personenauto of gebruik als zodanig in Nederland na die datum.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest van het Hof en de naheffingsaanslag. Tevens werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de naheffingsaanslag en het arrest van het Hof wegens ontbreken van registratie en gebruik als personenauto na 1 januari 1993.