ECLI:NL:HR:1996:AA1753
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing buitengewone lasten voor alternatieve geneesmiddelen in belastingaanslag
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1991 een aanslag inkomstenbelastingpremie volksverzekeringen opgelegd, gebaseerd op een belastbaar inkomen van ƒ 97.681. Na bezwaar en een ambtshalve vermindering door de Inspecteur tot ƒ 96.325, kwam het geschil bij het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Het Hof vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en handhaafde de vermindering.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de uitgaven voor zogenaamde "medicijnen alternatieve geneeskunde" als buitengewone lasten in aanmerking moesten worden genomen. Het Hof had geoordeeld dat deze middelen als voedingssupplementen worden gebruikt en niet uitsluitend als geneesmiddelen, waardoor zij niet als buitengewone lasten konden worden erkend.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en oordeelde dat het niet gaat om de verschillende toepassingsmogelijkheden, maar om de specifieke toepassing in dit geval. Het Hof had terecht geoordeeld dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de middelen niet voor andere doeleinden dan als geneesmiddel worden gebruikt. De Hoge Raad verwierp het beroep en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat uitgaven voor alternatieve geneesmiddelen niet als buitengewone lasten kunnen worden erkend.