ECLI:NL:HR:1996:AA1828
Hoge Raad
- Cassatie
- Zuurmond
- C.H.M. Jansen
- Pos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling cassatieberoep inzake niet-toekenning uitkering Algemene Bijstandswet
Belanghebbende verzocht om een uitkering op grond van de Algemene Bijstandswet, welke door de gemeente Helmond werd afgewezen. Na een bezwaarprocedure en beroep bij de Commissie voor de behandeling van administratieve geschillen en de Centrale Raad van Beroep, werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het cassatieberoep en stelde vast dat het beroep slechts ontvankelijk is voor klachten die zien op schending of verkeerde toepassing van artikel 5a van de Algemene Bijstandswet.
De Hoge Raad oordeelde dat het oordeel van de President van de Centrale Raad van Beroep dat belanghebbende een gezamenlijke huishouding voert met de heer Pennings, niet onjuist was. De overige klachten faalden. De Hoge Raad wees het beroep af en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep is deels niet-ontvankelijk verklaard en het beroep voor het overige verworpen.