ECLI:NL:HR:1996:AA1880
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Herrmann
- raadsheer Fleers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek uitstel mondelinge behandeling belastingaanslag 1989
Belanghebbende was het niet eens met de voor het jaar 1989 opgelegde aanslag inkomstenbelasting van ƒ 37.147. Na bezwaar en bevestiging door de Inspecteur, ging belanghebbende in beroep bij het Hof Amsterdam. Het Hof bevestigde de aanslag en wees het beroep af.
Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad. Een belangrijk punt was het verzoek van de gemachtigde van belanghebbende om uitstel van de mondelinge behandeling op 8 april 1994 vanwege een volle agenda. Dit verzoek werd door de griffie telefonisch afgewezen, waarna belanghebbende en zijn gemachtigde niet verschenen bij de zitting. De Inspecteur was wel aanwezig en lichtte zijn standpunt toe.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof niet verplicht was het verzoek om uitstel te honoreren, noch de afwijzing daarvan nader te motiveren in het arrest. Er was geen sprake van schending van het recht op verdediging of de eisen van een goede procesorde. Het cassatieberoep werd verworpen en er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Hof bevestigd.