ECLI:NL:HR:1996:AA1940
Hoge Raad
- Cassatie
- Van der Linde
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen omzetbelastingvrijstelling voor natuurlijke persoon als sportinstelling
Belanghebbende, een natuurlijke persoon die een manege exploiteert, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de periode van 1 januari 1987 tot en met 31 juli 1991. Na bezwaar en beroep bij het Gerechtshof Arnhem werd de aanslag gehandhaafd. Belanghebbende stelde in cassatie dat de vrijstelling voor instellingen die gelegenheid tot sportbeoefening geven, niet op hem van toepassing was omdat hij als nietwinstbeogende instelling moest worden beschouwd.
De Hoge Raad verwijst naar het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen waarin is bepaald dat de omzetbelastingvrijstelling voor sportgerelateerde diensten is voorbehouden aan publiekrechtelijke lichamen of instellingen zonder winstoogmerk, en niet aan natuurlijke personen die als ondernemer optreden. De nationale wetgeving sluit hierbij aan, waardoor de vrijstelling niet geldt voor belanghebbende.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof dat de vrijstelling niet van toepassing is op belanghebbende en verwerpt het cassatieberoep. Er worden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de vrijstelling omzetbelasting voor sportinstellingen niet geldt voor natuurlijke personen als ondernemer.