ECLI:NL:HR:1996:AA1987
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer C.H.M. Jansen
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over aftrekbaarheid van kosten mentorschap en overheadkosten werkweek
Belanghebbende, werkzaam als docent aan een HBO-opleiding, bracht voor het jaar 1990 aftrekbare kosten ten laste van zijn inkomen. De Inspecteur had bij de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen enkele aftrekposten verminderd of geschrapt op grond van de Wet op de inkomstenbelasting 1964, met name de kosten mentorschap en overheadkosten werkweek.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en verminderde de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ 68.527,--. De Staatssecretaris van Financiën stelde cassatieberoep in tegen dit arrest. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte had geoordeeld dat artikel 36, lid 1, letter e, van de Wet alleen ziet op kosten van voedsel, drank en genotmiddelen genuttigd door de belastingplichtige zelf.
Verder werd geoordeeld dat de kosten die verband houden met voedsel, drank en genotmiddelen en de kosten van representatie, zoals recepties en feestelijke bijeenkomsten, niet aftrekbaar zijn. De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof en bepaalde het belastbaar inkomen op ƒ 69.222,--. Er werden geen proceskosten aan de Staatssecretaris opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en stelt het belastbaar inkomen vast op ƒ 69.222,--.