ECLI:NL:HR:1996:AA2033
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer C.H.M. Jansen
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak over aftrek kantoorruimte bij docent met werkruimte thuis en op school
Belanghebbende, een docent Nederlands met een volledige dienstbetrekking, had voor het jaar 1991 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd gekregen op basis van een belastbaar inkomen van ƒ 67.274. Hij maakte bezwaar tegen de aanslag, dat werd afgewezen door de Inspecteur en bevestigd door het Hof Amsterdam.
De kern van het geschil betrof de aftrek van kosten voor een kantoorruimte en een opslagruimte in zijn woning, alsmede de vraag of hij meer dan de helft van zijn werktijd in de kantoorruimte thuis doorbracht. Het Hof oordeelde dat slechts één kantoorruimte aftrekbaar was en dat belanghebbende niet had bewezen dat hij meer dan de helft van zijn werktijd thuis werkte.
De Hoge Raad stelde vast dat het Hof ten onrechte had aangenomen dat belanghebbende geen kantoorruimte buiten de woning ter beschikking had, terwijl hij ook op school over werkruimte beschikte. Tevens was het oordeel van het Hof over de reistijd onvolledig, omdat niet was vastgesteld of de reistijd tot de arbeidstijd werd gerekend.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak naar het Hof te 's-Gravenhage voor een volledige herbeoordeling, met inachtneming van de opmerkingen over de kantoorruimte, reistijd en een niet in geschil zijnde kostenpost. De Hoge Raad wees proceskosten af en gelastte vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak voor hernieuwd onderzoek naar het Hof te 's-Gravenhage.