ECLI:NL:HR:1997:AA2117
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt navorderingsaanslag inkomstenbelasting na aandelenverkoop tegen onzakelijke prijs
Belanghebbende, enig aandeelhouder van A BV, kocht via B BV aandelen in C BV voor ƒ 1,-- terwijl de intrinsieke waarde ƒ 40.000,-- bedroeg. Kort daarna verkocht belanghebbende deze aandelen aan A BV voor dezelfde lage prijs. Het Hof oordeelde dat deze transacties niet bedoeld waren om de aandelen voor de lage prijs te houden en bevestigde de navorderingsaanslag met een aangepaste verhoging.
Belanghebbende stelde twee middelen van cassatie voor, maar de Hoge Raad verwierp deze. De Hoge Raad bevestigde dat het voordeel van het verschil tussen de lage aankoopprijs en de werkelijke waarde belastbaar is. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Het arrest werd op 12 maart 1997 door de Hoge Raad vastgesteld en in het openbaar uitgesproken, waarmee het beroep in cassatie werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de navorderingsaanslag met aangepaste verhoging blijft gehandhaafd.