ECLI:NL:HR:1997:AA2220
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en toetsing liggingsfactor bouwgrondbelasting gemeente Ermelo
Belanghebbende, genothebbende van een perceel in gemeente Ermelo, kreeg een aanslag bouwgrondbelasting opgelegd, die na bezwaar en beroep door het Hof Arnhem werd verminderd op grond van een lagere liggingsfactor vanwege ontoegankelijkheid voor vrachtautocombinaties.
Het Hof oordeelde dat de oorspronkelijke liggingsfactor 1,0 onjuist was en verlaagde deze naar 0,5, omdat het perceel minder profiteert van voorzieningen van openbaar nut. De gemeente ging in cassatie tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad overweegt dat een rechter niet bevoegd is een andere liggingsfactor vast te stellen dan die in de verordening is opgenomen, ook al acht hij de toegepaste factor niet passend. De verordening zelf moet onverbindend worden verklaard als deze in redelijkheid niet passend is.
Omdat het Hof niet heeft onderzocht of de verordening onverbindend is, vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
De Hoge Raad wijst proceskosten af en het arrest is op 8 juli 1997 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor herbeoordeling met inachtneming van het arrest.