ECLI:NL:HR:1997:AA2260
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Cassatieberoep tegen naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op onroerende zaak met gebruiksbeperking
Belanghebbende, X B.V., kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor overdrachtsbelasting over de verkrijging van een onroerende zaak, inclusief een oude houtzaagmolen met een zakelijk recht dat het gebruik beperkt tot houtzagerij. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag met kwijtschelding van de verhoging, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Hof.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en stelde de aanslag lager vast, waarbij het de waarde van de onroerende zaak in het economisch verkeer op ƒ 400.000 stelde, mede gebaseerd op taxaties van een makelaar en een deskundige. Belanghebbende stelde in cassatie dat het Hof ten onrechte onvoldoende rekening had gehouden met de slechte vooruitzichten in de houthandel en de gebruiksbeperking.
De Hoge Raad oordeelt dat de waardering van bewijsmiddelen aan het Hof is voorbehouden en dat het Hof voldoende rekening heeft gehouden met de juridische beperkingen en economische omstandigheden. Het cassatieberoep wordt daarom verworpen. Er worden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam bevestigd.