ECLI:NL:HR:1997:AA3209
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof inzake aanslag inkomstenbelasting 1992 en verwijst zaak terug
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1992 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd op een belastbaar inkomen van ƒ 149.053,--. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof Leeuwarden, dat de aanslag bevestigde. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
Het Hof had geoordeeld dat de werkzaamheden van de echtgenote van belanghebbende zich beperkten tot het aannemen van de telefoon en het doorgeven van boodschappen, en dat deze werkzaamheden niet verder gingen dan de wederzijdse hulp die echtgenoten elkaar verschuldigd zijn. De Hoge Raad oordeelde dat dit oordeel niet buiten de rechtsstrijd trad, maar dat de conclusie dat een aanwezigheidsverplichting nooit de huwelijksverplichting te boven gaat, een onjuiste rechtsopvatting is.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest van het Hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing in meervoudige kamer, met inachtneming van het arrest. Tevens werden proceskosten toegewezen aan belanghebbende.
De uitspraak werd op 8 januari 1997 door de Hoge Raad vastgesteld en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.