ECLI:NL:HR:1997:AA3350
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over toetsing omvang aftrekbare kosten voor arbeidsmiddelen in inkomstenbelasting
Belanghebbende, een werknemer met een belastbaar inkomen uit dienstbetrekking, had in 1992 kosten gemaakt voor een draagbare computer, laserprinter, camera en software. Hij had deze kosten deels als aftrekbare kosten opgevoerd in zijn aangifte inkomstenbelasting. Het hof had de aanslag verminderd, maar de Staatssecretaris en belanghebbende stelden cassatieberoep in tegen het hofarrest.
De Hoge Raad overwoog dat bij het beoordelen of kosten redelijkerwijs als normaal kunnen worden beschouwd, alle omstandigheden moeten worden meegewogen, waaronder voorzieningen van de werkgever. Het hof had onvoldoende gemotiveerd waarom het verstrekken van vergelijkbare computers aan collega’s zou betekenen dat de kosten van belanghebbende als normaal konden worden beschouwd. De Hoge Raad stelde dat het omvangscriterium niet alleen cijfermatig kan worden benaderd en dat persoonlijke omstandigheden van werknemers meegewogen moeten worden.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam voor een nieuwe beoordeling met inachtneming van de door de Hoge Raad geformuleerde criteria. Tevens wees de Hoge Raad op het belang van afschrijvingen bij waardevertegenwoordigende zaken en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling met inachtneming van de criteria voor het omvangscriterium.