ECLI:NL:HR:1997:AA4945
Hoge Raad
- Cassatie
- Roelvink
- Mijnssen
- Neleman
- Heemskerk
- De Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Vragen over toepassing van art. 85 EG-Verdrag bij vernietiging van arbitrale vonnissen
In deze zaak staat centraal de vraag of arbitrale vonnissen die in strijd zijn met art. 85 EG Pro-Verdrag vernietigd kunnen worden, ook wanneer partijen geen beroep doen op deze bepaling en arbiters deze niet ambtshalve toepassen.
Benetton vordert vernietiging van arbitrale vonnissen die Eco Swiss en Bulova gunstig zijn, wegens strijd met de openbare orde omdat de overeenkomst nietig zou zijn op grond van art. 85 EG Pro-Verdrag. De rechtbank en het hof behandelen verzoeken tot schorsing en zekerheidstelling in verband met de tenuitvoerlegging van deze vonnissen.
Het hof oordeelde dat art. 85 EG Pro-Verdrag openbare orde is en dat het FAA deels strijdig is met dit verdrag, maar dat het PFA niet meer aan toetsing kan worden onderworpen vanwege verstrijking van termijnen. De Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie over de reikwijdte van art. 85 EG Pro-Verdrag in arbitrageprocedures en de toepassing van nationale procesrechtelijke regels bij vernietiging.
De Hoge Raad benadrukt de spanning tussen de bindende kracht van arbitrale tussenvonnissen en de mogelijkheid tot vernietiging wegens strijd met gemeenschapsrecht, en houdt de zaak aan totdat het Hof van Justitie uitspraak doet.
Deze zaak is van belang voor de verhouding tussen arbitrage, nationale procesregels en Europese mededingingsregels.
Uitkomst: De Hoge Raad houdt de zaak aan en verzoekt het Hof van Justitie om prejudiciële uitleg over de toepassing van art. 85 EG-Verdrag bij arbitrale vonnissen.