Uitspraak
[woonplaats].
2 december 1997.
Hoge Raad
De zaak betreft een bedreiging met enig misdrijf waardoor de algemene veiligheid van goederen in gevaar zou zijn gebracht, zoals bedoeld in artikel 285 Sr Pro. Verdachte dreigde in het kantoor van het slachtoffer een computer te vernielen door een monitor dreigend te verschuiven. Het Hof had verdachte veroordeeld op grond van deze bedreiging.
De Hoge Raad oordeelt dat artikel 285 Sr Pro restrictief moet worden uitgelegd en niet ziet op bedreigingen die alleen betrekking hebben op vernieling van geautomatiseerd werk zonder dat daarbij gevaar voor algemene veiligheid van personen of goederen te duchten is. Uit het bewijs blijkt dat het gevaar zich beperkte tot de computer zelf en enkele nabijgelegen goederen, maar niet tot de algemene veiligheid van goederen.
Daarom is de bewezenverklaring onvoldoende gemotiveerd en kan het arrest van het Hof niet in stand blijven. De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.