ECLI:NL:HR:1998:AA2291
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- Van Brunschot
- Meij
- Van Vliet
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Gerechtshof Arnhem inzake vennootschapsbelasting 1994
X B.V. kreeg voor het jaar 1994 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd. Na bezwaar werd deze aanslag verminderd tot een belastbaar bedrag van 38.351 gulden. Tegen deze vermindering ging X B.V. in beroep bij het Gerechtshof Arnhem, dat de aanslag bevestigde.
X B.V. stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad tegen het vonnis van het hof. De Staatssecretaris van Financiën bestreed het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat er geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
Verder wees de Hoge Raad een veroordeling in proceskosten af, aangezien geen gronden aanwezig waren voor een dergelijke veroordeling op grond van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken. Het arrest werd op 10 juni 1998 vastgesteld en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het cassatieberoep van X B.V. wordt verworpen en de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem wordt bevestigd.