ECLI:NL:HR:1998:AA2301
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Van Vliet
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen dividenduitkering bij agioreserve na afstempeling aandelen
Belanghebbende werd aanvankelijk aangeslagen voor een belastbaar inkomen van f 145.438, maar kreeg een navorderingsaanslag opgelegd naar een belastbaar inkomen van f 305.438. Deze navorderingsaanslag werd gehandhaafd door de inspecteur, maar vernietigd door het Gerechtshof te 's-Gravenhage. De Staatssecretaris van Financiën stelde hiertegen cassatie in bij de Hoge Raad.
De kern van het geschil betrof de fiscale behandeling van aandelen die belanghebbende ontving uit een agioreserve, gevormd na een afstempeling van aandelenkapitaal van U B.V. Het Hof oordeelde dat het bedrag van de agioreserve niet als dividend kon worden aangemerkt omdat het gestorte kapitaal niet was terugbetaald of afgeschreven, en dat de nominale waarde van de uitgegeven aandelen dus niet tot inkomen van belanghebbende behoorde.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep. Tevens werd de Staatssecretaris veroordeeld tot betaling van proceskosten aan belanghebbende. Het arrest werd op 30 september 1998 uitgesproken door de Hoge Raad onder voorzitterschap van vice-president R.J.J. Jansen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de nominale waarde van de uitgegeven aandelen uit agioreserve geen dividend vormt.