ECLI:NL:HR:1998:AA2369
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Beukenhorst
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over belastingaanslag en verwijst zaak terug voor herbeoordeling
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1989 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd die na bezwaar werd verminderd, maar het Hof Arnhem bevestigde deze aanslag. Belanghebbende was aandeelhouder samen met zijn broer, met wie de verstandhouding verstoord was. In 1986 nam hij de aandelen van zijn broer over met een verplichting tot levering aan een bedrijfsleider, waarna complexe houdstermaatschappijen werden opgericht en aandelen werden doorverkocht.
De discussie draaide om de fiscale kwalificatie van de verkoopopbrengst en de toepassing van het bijzondere tarief. Het Hof oordeelde dat de constructie vooral was gericht op belastingverijdeling en dat er geen zakelijk belang was, waardoor de winst als inkomen uit vermogen moest worden belast.
De Hoge Raad vond de motivering van het Hof ontoereikend, omdat de constructie ook zakelijke redenen had, namelijk het mogelijk maken van gelijke aandeelhoudersposities. Hierdoor kon niet zonder meer worden aangenomen dat belastingverijdeling het doorslaggevende motief was. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak naar het Hof 's-Hertogenbosch voor herbeoordeling.
De Staatssecretaris van Financiën werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, en de proceskostenvergoeding aan belanghebbende werd vastgesteld. De Hoge Raad sprak het arrest uit op 23 september 1998.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling.