ECLI:NL:HR:1998:AA2395
Hoge Raad
- Cassatie
- Bellaart
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Meij
- Van Vliet
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat vervoersrisico bij verkoop varkens geen verzekeringscontract betreft
Belanghebbende, een varkensmester, had voor het jaar 1991 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd gekregen over een belastbaar inkomen van f 216.228,--. Tegen deze aanslag en de daaropvolgende bezwaar- en beroepsprocedures werd cassatie ingesteld.
De kern van het geschil betrof de vraag of het vervoersrisico van varkens, dat volgens de Algemene Voorwaarden voor de Veehandel bij aflevering op de koper overgaat, kan worden aangemerkt als een verzekeringscontract, waardoor belanghebbende een reserve assurantie eigen risico zou mogen vormen. Het Hof had geoordeeld dat dit risico onderdeel is van de koopovereenkomst en geen verzekeringscontract vormt.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de hoofdregel van artikel 7 van Pro de Algemene Voorwaarden een beding is binnen koopovereenkomsten en dat na aflevering het verzekerbaar belang bij het vervoersrisico uitsluitend bij de koper ligt. Dit betekent dat de lagere koopprijs geen verzekeringspremie betreft maar een koopprijsvermindering. Het cassatieberoep werd verworpen en er werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt verworpen; het vervoersrisico vormt geen verzekeringscontract.