ECLI:NL:HR:1998:AA2462
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over navorderingsaanslag inkomstenbelasting bij holdingconstructie
Belanghebbende kreeg voor 1989 een navorderingsaanslag opgelegd op basis van een holdingconstructie waarbij aandelen werden overgedragen aan een nieuw opgerichte BV. Het hof rekende een bedrag van f 588.900,-- tot het inkomen uit vermogen, waarbij het oordeelde dat de koopsom kon worden voldaan uit het vermogen van de oorspronkelijke BV, ook rekening houdend met winsten in de jaren na verkoop.
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het oordeel van het hof, met name tegen de toepassing van het leerstuk wetsontduiking en de wijze waarop de reserves werden betrokken bij de belastingheffing. De Hoge Raad verwierp meerdere onderdelen van het middel, maar achtte het tweede onderdeel gegrond: alleen de reserves die aanwezig waren ten tijde van de verkoop mogen worden betrokken bij de beoordeling van de navorderingsaanslag.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof, behalve het deel over griffierecht, en verwees de zaak naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor hernieuwde behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens veroordeelde de Hoge Raad de Staatssecretaris van Financiën in de proceskosten en legde een griffierechtvergoeding op.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak terug met de instructie alleen reserves ten tijde van verkoop te betrekken bij belastingheffing.