ECLI:NL:HR:1999:AA2708
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Beukenhorst
- Monné
- Kop
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid kosten bodemonderzoek bij voorgenomen verkoop onroerende zaak
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1993 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van f 176.199,--. Na bezwaar werd deze verminderd tot f 175.189,--. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof Arnhem, dat de aanslag bevestigde. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De kern van het geschil betrof de aftrekbaarheid van kosten voor bodemonderzoek dat was uitgevoerd met het oog op een voorgenomen verkoop van een onroerende zaak. Het Hof had vastgesteld dat het bodemonderzoek was ingesteld vanwege die voorgenomen verkoop. De Hoge Raad oordeelde dat deze feitelijke vaststelling niet in cassatie kan worden getoetst.
Verder overwoog de Hoge Raad dat kosten van bodemonderzoek ter verkrijging van een schonegrondverklaring, evenals andere kosten die op de verkoop betrekking hebben, tot de vermogenssfeer behoren en dus niet aftrekbaar zijn, ook indien de verkoop uiteindelijk niet doorgaat. De Hoge Raad wees het beroep af en veroordeelde partijen niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en het arrest van het Hof bevestigd.