ECLI:NL:HR:1999:AA2820
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van Brunschot
- Lourens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling investeringsaftrek bij gebroken boekjaar in inkomstenbelasting
Belanghebbende exploiteert een akkerbouwbedrijf in maatschapsverband en heeft in het boekjaar 1995/1996 investeringen gedaan in bedrijfsmiddelen. De Inspecteur stelde de investeringsaftrek vast op basis van het percentage dat gold in het kalenderjaar van de investering: 14% voor 1995 en 19% voor 1996.
Het Hof oordeelde dat ondanks het gebroken boekjaar het percentage van het kalenderjaar van de investering moet worden toegepast. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en verwijst naar de tekst en geschiedenis van artikel 11b van de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en acht geen gronden aanwezig voor proceskostenveroordeling. Het arrest is op 9 juli 1999 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat het investeringsaftrekpercentage van het kalenderjaar van de investering geldt, ook bij een gebroken boekjaar.